Het college kan ondersteuning geheel of gedeeltelijk weigeren als:
het initiatief voornamelijk betrekking heeft op privébelangen;
het initiatief (mede) gericht is op feesten en partijen;
het initiatief een puur commercieel doel beoogt;
het gaat om reguliere onderhoudskosten;
de activiteiten naar het oordeel van het college niet of onvoldoende bijdragen aan het doel van deze regeling;
de aanvrager naar het oordeel van het college niet of onvoldoende in staat lijkt de beoogde resultaten te concretiseren;
naar het oordeel van het college sprake is van een ontoereikende verhouding tussen prijs en kwaliteit van de te organiseren activiteiten;
sprake is van een activiteit waarin reeds op andere wijze wordt voorzien of waarvoor financiering op grond van een andere regeling is voorgeschreven of mogelijk is;
het initiatief dan wel de activiteiten niet overeenstemmen met het gemeentelijk beleid, met de Wet en de in het algemeen maatschappelijk verkeer geldende normen en waarden.
Artikel 10