Naar hoofdinhoud
Bij het vaststellen van normen voor reclame is het zinvol onderscheid te maken tussen verschillende gebieden in de gemeente. Een woonwijk vraagt een andere benadering dan een winkelgebied. Het buitengebied wordt ernstig aangetast bij plaatsing van reclame die op het bedrijventerrein gebruikelijk is. Ook wordt er onderscheid gemaakt tussen gewone ("onverlichte") reclame en lichtreclame door de uitstraling van laatstgenoemde uiting. Allereerst worden algemene voorwaarden geformuleerd die voor alle gebiedsdelen gelden. Per gebied wordt een eigen beleid geformuleerd met uitgangspunten en normen. De gebiedsindeling is: Woongebieden (inclusief bedrijfspanden in woongebieden); Winkelcentra; Binnenstad; Bedrijventerreinen; Beschermd stadsgezicht en monumenten (inclusief Willemsoord); Sportterreinen; Buitengebied en; Overgangsgebieden en verbindingsassen. In bijlage 4 bij deze nota wordt voor elk gebied een nadere specificering van het beleid aangegeven. De opbouw van het beleid is dus van algemeen - regels die voor elk gebied gelden - naar bijzonder. Daarbij wordt in bepaalde gebieden meer toegestaan dan in andere gebieden. Dit is afhankelijk van de functie van het gebied. De criteria zijn er voor reclames zodat de aanvrager zich vooraf op de hoogte kan stellen van de eisen. Alle aanvragen om omgevingsvergunning moeten op grond van de Wabo worden voorgelegd aan de adviescommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit. Deze commissie maakt bij de beoordeling tevens gebruik van de algemene en de gebiedsgerichte welstandsuitgangspunten.

Rechtspraak bij dit artikel