2.2.1 Centraal Bureau voor de Statistiek
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft de omvang, achtergrondkenmerken en ontwikkelingen van de schuldenproblematiek van Nederlandse huishoudens in de periode 2015 tot 1 januari 2018 onderzocht.
Enkele achtergrondkenmerken bij het hebben van geregistreerde problematische schulden7 Schuldenproblematiek in beeld Huishoudens met geregistreerde problematische schulden 2015-2018, CBS.:
Problematische schulden komen relatief vaker voor in de leeftijdsgroep van 25 tot 65 jaar, personen met een niet‐westerse migratieachtergrond, laagopgeleiden en huishoudens met kinderen.
Er is een duidelijke samenhang in het hebben van problematische schulden en een zwakkere economische positie. Huishoudens met geregistreerde problematische schulden hebben vaker een laag inkomen of een uitkering (met name bijstand).
De belangrijkste inkomstenbron van personen in huishoudens met geregistreerde problematische schulden is relatief vaker met een inkomen uit een eigen onderneming dan bij huishoudens zonder probleemschulden.
Huishoudens met probleemschulden hebben relatief vaker te maken met geestelijke gezondheidszorg en jeugdzorg.
Verlies van een baan en vervolgens in de bijstand komen, verdacht worden van een misdrijf, stoppen met onderwijs volgen zonder een startkwalificatie te halen en life-events (uit elkaar gaan, partner verliezen, geboorte van een kind, overgang van werk naar WW/bijstand, overgang van werk naar ziektewet of AO‐uitkering, ontslag met toestemming UWV, geregistreerd als verdachte van misdrijf, haltwaardige overtreding begaan, slachtofferhulp aangeboden krijgen, toename van zorgkosten, afname van gestandaardiseerd besteedbaar huishoudinkomen, voortijdig schoolverlaten) zijn situaties met een relatief grote kans op ontstaan van geregistreerde problematische schulden.
Peildatum CBS 1 januari 2018 8 https://dashboards.cbs.nl/v2/SchuldenproblematiekInBeeld/
Purmerend
Beemster
Geregistreerde problematische schulden (huishoudens)
3150
160
Aantal personen risicogroep
1520
100
In Purmerend hebben 3150 en in Beemster 160 huishoudens geregistreerde problematische schulden. Het aantal personen dat tot de risicogroep behoort voor problematische schulden voor Purmerend is 1520 en voor Beemster 100.
Cijfers Loket schulddienstverlening 2019 en eerste halfjaar 2020
Preventie
Loket schulddienstverlening 2019
Loket schulddienstverlening 2020
Meldingen*
954
Aanmeldingen Purmerend
265 hiervan zijn 197 behandeld als aanvraag →
43 met advies problematische schuld
29 niet problematische schuld
131 hiervan zijn 95 behandeld als aanvraag →
20 met advies problematische schuld
16 niet problematische schuld
Aanmeldingen Beemster
< 10 hiervan zijn < 10 behandeld als aanvraag →
< 10 met advies problematische schuld
0 niet problematische schuld
De aanmeldingen voor Beemster laten wij buiten beschouwing
In 2019 hebben 265 aanmeldgesprekken9 Bij deze cijfers kunnen mensen dubbel voorkomen. Zij melden zich bijvoorbeeld aan op een moment dat wij nog niet starten, dit resulteert in een adviesgesprek. Later in het jaar kunnen zij zich opnieuw melden. plaatsgevonden bij het loket schulddienstverlening, hiervan zijn 197 behandeld als aanvraag waarvan 43 met advies problematische schuld en 29 niet problematisch. Voor Beemster zijn de cijfers als volgt: < 10 aanmeldgesprekken, < 10 behandeld als aanvraag, < 10 met advies problematische schuld en 0 niet problematisch.
In het eerste halfjaar van 2020 hebben in Purmerend 131 aanmeldgesprekken plaatsgevonden, hiervan zijn 95 behandeld als aanvraag waarvan 20 met advies problematische schuld en 16 niet problematisch. De aanmeldingen voor Beemster zijn zo laag dat deze buiten beschouwing worden gelaten.
Preventiecijfers
Het is niet mogelijk om de cijfers vanuit preventie een-op-een te vertalen naar cijfers van meldingen bij ons loket voor een traject schuldhulpverlening. In de toekomst willen wij dit op elkaar afstemmen. Voor Beemster zijn er geen cijfers over preventie omdat deze aanpak hier nog niet tot stand is gekomen. De komende beleidsperiode zal dit bijgehouden worden.
Voor Purmerend hebben wij in 2019, 954* meldingen ontvangen, in 2018 waren dit er 190. De meldingen zijn toegenomen omdat er meerdere partijen zijn aangehaakt bij vroegsignalering. Daarnaast zijn in 2018 en 2019 niet alle cijfers geregistreerd door o.a. de AVG of het is intern niet bijgehouden.
De meeste meldingen in relatie tot type huishouden zijn van alleenstaanden, gezinnen met meerderjarige-en minderjarige kinderen, gehuwden/samenwonenden en eenoudergezinnen (minderjarige kinderen). Organisaties met de meeste meldingen komen bij de zorgverzekeraar, gemeentelijke belastingen, woningcorporaties en energiemaatschappijen vandaan.
Cijfers beschermingsbewindvoering (schuldenbewind)
Aantallen schuldenbewind (dossiers)
2019
2020 (t/m juni)
178
175
Voor Beemster geldt dat de aantallen voor 2019 en 2020 ongeveer gelijk zijn, het gaat om kleine aantallen < 10.
Daarnaast treft de coronacrisis naast de bekende groepen ook nieuwe groepen. Hier zullen wij op moeten acteren omdat dit andere hulpvragen met zich meebrengt.
Groepen waar wij vanuit preventie meer hulpvragen zien, zijn o.a. zzp’ers, flexibele arbeidskrachten jongeren, ouderen, mensen die terugvallen in schulden. Problematiek bestaat uit mensen met een koopwoning die in de schulden raken, zelfstandig wonende ouderen die beginnend dementerend zijn en vaak geen netwerk hebben en ondernemers die financieel in de knel zijn geraakt en hun boekhouder de financiën (belastingaangifte) niet meer afwikkelt. Vanwege de coronacrisis verwacht de Nederlandse Vereniging voor Schuldhulpverlening, sociaal bankieren en bewindvoering (NVVK) voor 2020 en daarna een stijging van het aantal hulpvragen 10 Covid-19 en schuldenproblematiek in Nederland, Deloitte en Schuldenlab, 16 juni 2020.
2.2.2 Op welke doelgroepen richten wij ons en waarom?
Gebaseerd op bovenstaande cijfers en de lokale ontwikkelingen krijgen de volgende doelgroepen onze aandacht met preventie en vroegsignalering. Hierbij houden wij rekening met onze begroting en kunnen prioriteiten worden gesteld:
Mensen met wisselende inkomsten, zoals zzp’ers en flexibele arbeidskrachten. Wij zien dat deze groep beperkte of zeer wisselende inkomsten overhoudt. Wat ze maandelijks verdienen is niet altijd voldoende om van rond te komen. Soms zitten zij tijdelijk zelfs zonder inkomsten. Ondanks het feit dat deze mensen werken, zijn ze financieel kwetsbaar omdat zij niet in aanmerking komen voor vangnetregelingen, ook wel ‘werkende armen’ genoemd. Deze groep mensen weet de ondersteunende maatregelen en voorzieningen van de gemeente nog onvoldoende te bereiken.
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
Wij zetten in op budgetcoaching en begeleiding voor zzp’ers, zoals hulp bij administratie, inzet van Over Rood 11 Over Rood begeleidt en ondersteunt ondernemers bij een (door) start, schulden, administratieve achterstanden en bedrijfsbeëindiging.. Voor zelfstandigen bestond veel onduidelijkheid over de toegang tot de gemeentelijke schuldhulpverlening. Bij problemen kan de zelfstandige een aanvraag doen voor bijstand op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz 2004). Met de wijziging van de Wgs per 1 januari 2021 is de toegang tot schuldhulpverlening ook voor zzp’ers van toepassing. Aangezien schuldhulpverlening aan zelfstandigen specialistische kennis vereist, zullen enkele medewerkers hiervoor worden bijgeschoold. Verder heeft de gemeente Purmerend een vacature uitstaan voor een adviseur voor zelfstandig ondernemers. Deze adviseur heeft zicht op de regelingen voor zelfstandig ondernemers, kent de diverse loketten en weet wat de zelfstandig ondernemer nodig heeft en begeleidt deze in het traject. Voor een deel kunnen hiermee mogelijk al schulden worden voorkomen. Voor deze doelgroep wordt er gekeken naar passende ondersteuning bij problematische schulden.
Wij willen meer in contact komen met werkgevers. Werkgevers krijgen pas laat zicht op de geldproblemen van hun personeel. Dit blijkt uit het Nibud-rapport ‘Personeel met schulden‘ (2017). En wij willen werkgevers meer op de hoogte stellen van ons preventieve aanbod.
Jongeren
Naarmate jongeren ouder worden, komen ze vaker geld te kort. 37% van de mbo’ers van 18 jaar en ouder heeft momenteel een schuld. Een op de vier heeft betalingsachterstanden 12 Mbo’ers in geldzaken (2015).
Het Nibud merkt dat de overgang van thuiswonend naar zelfstandig wonen voor veel jongeren lastig is. Uit Nibud-onderzoeken blijkt een groot verschil in de schuldensituatie van thuiswonende en uitwonende studenten. Uitwonende studenten hebben vaker een schuld en gemiddeld een hogere schuld. Schulden belemmeren jongeren vaak om een toekomst op te bouwen. Ze zijn meer bezig met aflossen dan met de toekomst. Schulden leveren ook bij deze groep stress op. Uit ervaringen van mbo-docenten blijkt dat studenten met schulden vaker afwezig zijn, moe zijn door veel werken, weinig aandacht aan school besteden, hun studiekosten moeilijk kunnen betalen of zelfs stoppen met school.
Factoren die een rol spelen bij het ontstaan van schulden:
gebeurtenissen of veranderingen in de levensfase, zoals op zichzelf wonen.
de psychosociale situatie: o.a. verslavingen, gebrek aan weerbaarheid en compensatiegedrag
verstandelijke beperkingen: vaardigheden en capaciteiten
financiële opvoeding
mogelijkheden om schulden te maken
budgettaire redenen: inkomensterugval of uitgavenstijging, vaak gecombineerd met minder controle op de financiële situatie
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
Onderwijsagenda
Wij sluiten aan op de ‘Onderwijsagenda’ 13 Onderwijsagenda Purmerend voor de doorgaande leerlijnen (pijler gezondheid).
Wij bieden jongeren preventief een ‘lesaanbod op maat’. Dit geldt voor het basis-voortgezet en middelbaar onderwijs. Wij hebben de afgelopen jaren geleerd dat het belangrijk is naar de jongeren te luisteren en te kijken welke thema’s hen aanspreekt. Het Nibud wil kinderen en jongeren leren omgaan met geld, zodat zij later financieel zelfredzaam zijn. Hiervoor zijn leerdoelen opgesteld die aangeven wat kinderen van verschillende leeftijden zouden moeten kennen en kunnen. Wij willen in de uitvoering aansluiten op deze leerdoelen 14 Nibud-leerdoelen & -competentie voor kinderen en jongeren (2018). Samenvattend hebben de leerdoelen betrekking op inkomsten verwerven, geldzaken organiseren, voorbereid zijn op (on)voorziene gebeurtenissen, verantwoord geld besteden. De leerdoelen zijn voor verschillende leeftijden en sluiten op elkaar aan en hebben een doorgaande leerlijn.
Basisscholen
Met scholen en leerlingen wordt nader onderzocht wat de wensen en behoeften zijn en wat wenselijk is voor de aanpak zodat wij een ‘lesaanbod op maat’ kunnen bieden.
Voortgezet onderwijs/ MBO-aanbod
Voor leerlingen in het middelbaar onderwijs is er een financieel spreekuur met de budgetcoach en Sociaal raadslieden. Interventies voor deze doelgroep: peer-educator, vloggers, rapmuziek. En thema’s die aansluiten: wat verandert er als je 18 bent, boetes, studiefinanciering, mobiele telefonie en incasso trajecten. Verder zetten wij in op voorlichting voor deze doelgroep (risico jongeren op het praktijkonderwijs, speciaal onderwijs en het Vmbo).
Schoolgaande kinderen kosten geld
Wij willen meer inzetten op voorlichting voor ouders. Een computer, de ouderbijdrage, schoolreis, noem maar op. Onderwijs brengt kosten met zich mee en vaak zijn ouders zich hier onvoldoende van bewust. Door (laagdrempelige) voorlichting willen wij ouders adviseren geld opzij te zetten. Dit doen wij samen met het onderwijs.
Huishoudens met minderjarige kinderen
Kinderen hebben geen invloed op de (financiële) situatie van hun ouders en mogen daarvan ook niet de dupe worden. In artikel 2 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening staat dat de gemeenteraad moet aangeven hoe schuldhulpverlening aan gezinnen met minderjarige kinderen wordt vormgegeven.
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
voorrang bij wachttijden
voorrang bij binnengekomen signalen
extra aandacht voor vroegsignalering
financiële educatie
meer aandacht voor schuldenproblematiek in het Jongerenloket (voor het gezin en de aanbieders in het voorveld)
Statushouders
Statushouders verkeren vaak in een kwetsbare financiële positie. De oorzaak van hun schulden is vaak een combinatie van o.a.: omgevingsfactoren, bewust en onbewust gedrag, laaggeletterdheid. Daarnaast vragen statushouders te laat zorg-, huur- en/of kinderopvangtoeslag aan en/of ze geven wijzigingen niet (tijdig) door aan de belastingdienst, waardoor ze toeslagen moeten terugbetalen. Statushouders met een uitkering hebben recht op diverse vormen van inkomensondersteuning. Dat maakt hun financiële situatie complexer dan die van iemand met een modaal inkomen uit arbeid.
Niet beheersen van de Nederlandse taal en gebrek aan digitale vaardigheden vormen een belemmering om zich een weg te banen in het – grotendeels digitaal georganiseerde – financiële systeem.
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
Project Euro wijzer: budgetcoaching en de training ‘leren omgaan met geld’ voor statushouders. Hiermee begeleiden we statushouders naar financiële zelfredzaamheid. Dit is in lijn met de nieuwe wet voor inburgering waar gemeenten de eerste zes maanden na huisvesting de uitkering van de vluchteling, de huur, de premie voor de zorgverzekering en de energielasten betalen.
Laaggeletterden
Mensen die laaggeletterd zijn, hebben moeite met lezen en schrijven en/of rekenen en met het omgaan met de computer of smartphone. Begrijpen van informatie en grip krijgen en hebben op geldzaken is daardoor lastig. Schuldhulpverleners hebben regelmatig te maken met mensen die laaggeletterd zijn. Omdat laaggeletterden vaardigheden missen om hun budget te beheren, komen ze vaker dan anderen in de schuldhulpverlening terecht.
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
Inzetten op duidelijke communicatie – gebruik maken van de toolkit 15 Ontwikkelt door Schouders Eronder samen met Stichting Lezen en Schrijven, Pharos en Flatland
Ouderen
Als gevolg van de coronacrisis zijn ouderen kwetsbaar. Omdat zij minder goed mee kunnen komen in de digitale wereld en vaak hulp nodig hebben bij hun financiële administratie.
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
Wij bieden nu financiële educatie voor volwassenen. Dit zijn jaarlijks 4 trainingen voor de inwoners: ‘leren omgaan met geld’.
Deze groep nemen we mee in onze aanpak voor vroegsignalering.
Recidivisten en zorgmijders
Deze groep zien wij vanuit vroegsignalering groeien. Wij zien drie soorten van recidive:
Recidivisten die alsnog ondersteuning nodig hebben en zich melden. Hier kijken wij naar wat nodig is en monitoren het vervolg.
Recidivisten die geen ondersteuning willen (zorgmijders). Op het moment dat de situatie als zorgelijk beschouwd wordt melden wij dit bij team Bemoeizorg.
Zorgelijke signalen: schulden nemen alleen maar toe, kinderen in het spel, woning ziet er slecht uit/vervuild/potdicht, er is sprake van een verstandelijke beperking.
Signalen kunnen via sociaal raadslieden en het wijkteam worden neergelegd bij team bemoeizorg.
Recidivisten die ondersteuning aanvaarden, maar toch ook weer niet kijken wij per casus wat nodig is.
Wat doen wij al en wat willen wij versterken:
Wij willen voor deze groep een structurele aanpak gaan bieden. Dit doen wij samen met onze ketenpartners: GGD, bemoeizorg en het wijkteam.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2
Wie is onze doelgroep?
Onderdeel van BELEIDSPLAN INTEGRALE SCHULDHULPVERLENING 2021 - 2025