1. Dit artikel 7 is alleen van toepassing op verenigingen en stichtingen die een bedrag per jeugdlid
ontvangen en een subsidie van € 5.000,-- of meer op jaarbasis ontvangen.
2. Jeugdleden van een vereniging zijn leden in de leeftijd tot en met 18 jaar oud.
3. Bij een terugloop van het aantal jeugdleden tijdens de lopende subsidieperiode van vier jaar,
waarvoor een beschikking tot subsidieverlening is verstrekt:
a. stelt de subsidieontvanger het college zo spoedig mogelijk hiervan schriftelijk in kennis;
b. stelt het college de subsidie die voorafgaand aan de constatering/melding van de
terugloop van het aantal jeugdleden is verleend achteraf niet lager vast en wordt het te
veel ontvangen subsidiebedrag niet terug gevorderd, tenzij de subsidieontvanger de
terugloop van het aantal jeugdleden niet tijdig heeft vermeld;
c. voert het college de actualisatie van het aantal jeugdleden wel door bij de bevoorschotting
van de subsidie in het nog resterende aantal jaren van de subsidieperiode (of een nieuwe
vierjarige periode),
d. zal het college voor het nog resterende aantal jaren in de lopende subsidieperiode het
recht op subsidie herzien als:
. Er sprake is van een terugloop van 10o/o of meer in jeugdleden én het te veel
verstrekte subsidiebedrag groter of gelijk is aan € 500,-- (per jaar);
. Het aantal jeugdleden is teruggelopen naar 0 (ongeacht percentage en te veel
verstrekte subsidie).