**1..** Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier.
**2..** De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. Schriftelijke beantwoording gebeurt zo spoedig mogelijk, in ieder geval binnen tien werkdagen nadat de vragen zijn ingediend. Indien beantwoording niet binnen deze termijn kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
**3..** Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffier aan de raadsleden toegezonden, tenzij vragensteller tevoren aangeeft dit niet wenselijk te vinden.
**4..** De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Hoofdstuk 3.
Artikel 34.