**1..** Het college ziet af van een verlaging als:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt;
de gedraging meer dan één jaar voor constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden;
**2..** Het college kan afzien van een verlaging als het daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
**3..** Als het college afziet van een verlaging op grond van dringende redenen, wordt een belanghebbende hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.7
Artikel 4.7.4