Het college kan een pgb weigeren wanneer gebleken is dat:
er eerder een pgb is verleend op grond van de verordening dan wel aan een van de hieraan voorafgaande verordeningen en de jeugdige of zijn ouders zich niet heeft gehouden aan de bij de verlening van dat eerdere pgb opgelegde verplichtingen;
de jeugdige of zijn ouders geen budgetplan kan aanleveren;
naar het oordeel van het college uit het budgetplan onvoldoende blijkt dat de voorziening die de jeugdige of zijn ouders inkoopt met het pgb voldoet aan de kwaliteitseisen, bedoeld in artikel 3.1.12d;
er naar het oordeel van het college het ernstige vermoeden bestaat dat de jeugdige of zijn ouders of degene die de jeugdige of zijn ouders hierbij ondersteunt, problemen heeft bij het omgaan met een pgb;
de jeugdige of zijn ouders niet voldoet aan de overige aan het pgb verbonden voorwaarden, bedoeld in artikel 3.1.12.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1
Artikel 3.1.12c
Weigeringsgronden voor een pgb
Onderdeel van INTEGRALE VERORDENING SOCIAAL DOMEIN GEMEENTE VEENENDAAL