Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1.6

Algemene weigeringsgronden

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Medemblik 1ste tranche

1.. Het bevoegd gezag weigert een aanvraag om omgevingsvergunning in ieder geval: indien de te vergunnen activiteit in strijd is met het bepaalde in deze verordening of een andere wettelijke regelgeving; in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (verder Wet Bibob). 2.. Het bevoegd gezag kan een aanvraag om omgevingsvergunning weigeren indien: dat naar hun oordeel nodig is in het belang van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving of de bescherming van het milieu; dat naar hun oordeel nodig is met het oog op het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften; niet wordt voldaan aan, bij of krachtens deze verordening gestelde vereisten om voor een omgevingsvergunning in aanmerking te komen; de aanvraag om een omgevingsvergunning te kort voor de beoogde activiteit is ingediend en daardoor redelijkerwijs een behoorlijke behandeling en beoordeling van de aanvraag niet mogelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel