Leden van de raad en het college spreken vanaf hun plaats en richten zich tot de raadsvoorzitter.
Het is aan de raadsvoorzitter van de vergadering en de agendacommissie om te bepalen wanneer van het spreekgestoelte gebruik wordt gemaakt.
De raadsvoorzitter kan bepalen dat er gebruik wordt gemaakt van de interruptiemicrofoon.
De leden van de raad en van het college voeren het woord na het aan de raadsvoorzitter gevraagd en van hem verkregen te hebben.
Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.
De spreektijd is in beginsel 3 minuten per fractie per termijn, interrupties op de termijn worden hierin niet meegerekend.
De agendacommissie kan voor een onderwerp een afwijkende spreektijd vaststellen, hetgeen in de agenda wordt vermeld.
Spreektermijnen worden door de raadsvoorzitter afgesloten.
Raadsleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel.
Het negende lid is niet van toepassing op een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de beraadslaging daarover.
Bij de bepaling hoeveel keer een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 2.
Artikel 19.
Spreken
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad 2021-Gemeente Westerveld