In deze beleidsregels boetes wordt verstaan onder:
Schending van de inlichtingenplicht: het niet, niet tijdig, of onvolledig doorgeven van alle feiten en omstandigheden die redelijkerwijs van invloed (kunnen) zijn op de arbeidsinschakeling of het recht op bijstand/uitkering.
Benadelingsbedrag: de ten onrechte verstrekte netto bijstandsuitkeringen verleend in het kader van de Participatiewet (PW) of uitkeringen in het kader van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) of verstrekte bruto uitkeringen in het kader van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ).
Boete: de sanctie als genoemd in artikel 18a PW.
Percentage: het percentage van het desbetreffende benadelingsbedrag dat als uitgangspunt wordt gebruikt voor het vaststellen van de boete.
Indringende toets aan het evenredigheidsbeginsel en individuele beoordeling: de beoordeling die leidt tot het hanteren van het juiste boetepercentage (opzet, grove schuld, gewone verwijtbaarheid, verminderde verwijtbaarheid) en het in voldoende mate rekening houden met de individuele omstandigheden waaronder de overtreding is begaan en de omstandigheden ten tijde van de boeteoplegging, zoals de draagkracht.
Grove schuld en Opzet: voor de betekenis van deze begrippen wordt verwezen naar artikel 3, lid 3 en 4 van het Boetebesluit.
Maximumboete: het bedrag waarop de boete in voorkomende gevallen moet worden gemaximeerd, te weten
€ 8200,- bij boetes gebaseerd op een percentage van 25%, 50% en 75%, en
€ 82.000,- bij boetes gebaseerd op 100% 1 (bedragen per juli 2016, worden aangepast conform art 23, lid 4 Wetboek van Strafrecht).
Recidive: de herhalingsboete.
Draagkracht: het deel van het inkomen dat ten tijde van de boete-oplegging hoger ligt dan de beslagvrije voet, zoals bedoeld in artikel 475d Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Vermogensbestanddelen worden bij boete-oplegging niet als draagkracht aangemerkt. Ingeval de draagkracht niet bekend is wordt uitgegaan van de draagkracht die een niet-kostendelende bijstandsgerechtigde heeft (alleenstaande (ouder) of echtpaar).
Hoofdstuk
Artikel 1: