**1..** Het college ziet af van het opleggen van een maatregel, als:
Elke vorm van verwijtbaarheid redelijkerwijs ontbreekt;
De gedraging plaatsvond meer dan 12 maanden voordat deze is geconstateerd;
Achteraf blijkt dat er geen sprake was van maatregelwaardig gedrag.
**2..** Als het college afziet van het opleggen van een maatregel, kan de belanghebbende daarvan schriftelijk op de hoogte worden gesteld.
**3..** Het college kan een maatregel matigen, als het daarvoor dringende redenen heeft.
**4..** Als het college een maatregel matigt op grond van dringende redenen, krijgt de belanghebbende daarvan schriftelijk bericht.
**5..** Een besluit om een maatregel te matigen wordt gelijkgesteld met een besluit waarbij een maatregel is opgelegd en telt dus wel mee bij het beoordelen van recidive.
Hoofdstuk 1
Artikel 6