Voor de beoordeling of de bijstandsnorm voor een schoolverlater op grond van artikel 28 van de PW wordt verlaagd en tot welk bedrag, is onder andere van belang dat:
de verlaging wordt afgestemd op de noodzakelijke kosten van het bestaan van de schoolverlater;
de verlaging niet tot gevolg heeft dat daardoor financiële problemen ontstaan; en
de schoolverlater gezien de hoogte van de bijstandsnorm een prikkel behoudt om betaalde arbeid te verkrijgen.
De verlaging bedraagt 10% van de gehuwdennorm en duurt niet langer dan zes maanden, gerekend vanaf het tijdstip van de beëindiging van de aanspraak op de studiefinanciering of de tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten.
Het toepassen van een verlaging blijft achterwege indien de kostendelersnorm van toepassing is.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2
Artikel 3.4
Verlaging bijstandsnorm schoolverlaters
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en aanverwante regelingen 2021 gemeente Voorst