Het college kan besluiten tot ambtshalve kwijtschelding van (leen)bijstand indien de belanghebbende:
gedurende 60 maanden zijn aflossingsverplichting voor de als geldlening verstrekte bijstand onafgebroken en naar draagkracht is nagekomen;
gedurende een periode van twee jaar niet of zeer onregelmatig heeft afgelost op een vordering en de nog openstaande vordering minder bedraagt dan € 125,00;
gedurende vijf jaar geen aflossingen aan een niet-verwijtbare vordering heeft gedaan en het niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment alsnog gaat verrichten.
de in onderdeel c genoemde termijn bedraagt tien jaar indien sprake is van een verwijtbare vordering wegens het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht.
het college gaat niet over tot kwijtschelding als er sprake is van dwanginvordering.
Hoofdstuk
Artikel 12
Kwijtschelding (leen)bijstand
Onderdeel van Beleidsregels Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) Kempengemeenten