Bij de aanleg van gemeentelijke oevers is een voorkeursstrategie van toepassing. De voorkeursstrategie is van toepassing bij elke te realiseren oever. Wanneer wordt afgeweken van de voorkeur dient dit onderbouwd en afgestemd te worden met de gemeentelijke waterbeheerder.
3.1.1. Voorkeursstrategie voor het inrichten van een oever
De gemeente Vijfheerenlanden heeft beleid opgesteld voor het vervangen van een oeverbescherming of bij een nieuw aan te leggen watergang. Het beleid gaat uit van de volgende prioritering bij de aanleg van een gemeentelijke oever:
De aanleg van een natuurvriendelijke oever;
De aanleg van een natuurlijke oever;
De aanleg van oeverbescherming (damwand, kademuur of beschoeiing).
Alle drie de opties hebben een andere onderhoudsfrequentie, levensduur en ruimtebeslag. Bij afwijking van de voorkeurstrategie dient de aanvrager een onderbouwing in bij de gemeentelijke waterbeheerder. Wanneer een bestaande oever aan vervanging of groot onderhoud toe is, dan wordt altijd eerst gekeken of de oever omgevormd kan worden naar een natuurvriendelijke oever.
Bij gebrek aan ruimte of door veiligheidseisen kan worden afgeweken van de voorkeursoptie. Een natuurlijke oever is de tweede voorkeursoptie. Deze oever heeft minder ruimte nodig doordat de oever een steiler talud mag hebben. Wanneer voor de eerste en tweede voorkeursopties onvoldoende ruimte beschikbaar is door obstakels (dit kan het geval zijn door bijvoorbeeld kabels en leidingen, beschermde bomen en noodoverlaten) of als een oever cultuurhistorisch waarde heeft, dan kan worden afgeweken van de voorkeursstrategie.
Bij nieuwbouw (met uitzondering van inbreiding) is optie 3, de aanleg van oeverbescherming, niet van toepassing. In nieuwbouwsituaties is het uitgangspunt om de bestaande ecologie zoveel mogelijk te handhaven. Bovendien is het niet aan de orde dat er onvoldoende ruimte beschikbaar is door obstakels. Zodoende geldt bij de aanleg van nieuwe watergangen enkel de voorkeursstrategie voor de aanleg van natuurvriendelijke oevers of natuurlijke oevers.
Bij het vervangen van oeverbescherming of het aanleggen van een nieuwe watergang passen we een voorkeursstrategie toe voor het inrichten van de oever. Eerst kijken we of een natuurvriendelijke oever kan worden aangelegd, vervolgens kijken we naar een natuurlijke oever en tot slot naar oeverbescherming (bij nieuwbouw enkel voor inbreiding).
Onderbouwing van de voorkeursstrategie
De gemeente Vijfheerenlanden heeft de wens een duurzame gemeente te zijn met een hoge kwaliteit van de openbare ruimte. De aanleg van “harde” oeverbescherming moet worden voorkomen en verminderd, omdat een steil talud nadelig is voor de ecologie, waterkwaliteit, biodiversiteit, robuustheid en klimaatbestendigheid van het watersysteem en het openbaar groen. Het toepassen van materialen zoals hardhout en kunststof zijn meer milieubelastend dan wanneer een flauwe en natuurvriendelijke of natuurlijke oever wordt aangelegd. Elk deel van het talud biedt uitkomst voor verschillende dieren- en plantensoorten. Zo wordt de biodiversiteit een handje geholpen. In figuur 2 is de opbouw van een natuurlijkvriendelijke oever geïllustreerd.
Figuur 2. De opbouw van een natuurvriendelijke oever (Stowa, 2009)
Een oever met een breed talud kan meer water opvangen tijdens extreme regenbuien. Dit draagt bij aan klimaatbestendigheid. Vanuit het oogpunt van ecologie, waterkwaliteit en waterberging gaat de voorkeur uit naar een natuurvriendelijke oever. Bovendien sterven er minder dieren, omdat als kleine dieren in het water zijn gevallen ze zonder problemen uit een watergang met een flauw oevertalud kunnen komen. Over de gehele breedte van de oever kan zich een hoge diverse flora en fauna ontwikkelen. Door de verschillende plantensoorten kunnen meerdere dierensoorten zich gaan huisvesten. De plantengroei is ideaal voor de voortplanting van amfibieën. Tevens biedt het schuilmogelijkheden voor jonge vissen en andere kleine insecten. Door de grote diversiteit aan flora heeft een natuurvriendelijke oever een groot zuiverend effect. Zodoende draagt de watergang bij aan een gezond watersysteem en aan een beter leefklimaat van de wijk.
Eigenschappen van een natuurvriendelijke oever:
De oever draagt bij aan lokale verbetering van de ecologie.
Door gebruik te maken van zuiverende waterplanten (helofyten) wordt de voedingsrijkheid van het water verminderd. Hierdoor neemt de kans op kroos, alg of dood water sterk af.
Eigenschappen van een natuurlijke oever (gelden ook voor een natuurvriendelijke oever):
Het heeft een grote belevingswaarde voor omwonenden en bevordert spelen in de natuur en met water.
Het is duurzamer door het verkleinen van gebruik van hout of kunststof.
Het vergroot de waterberging in de wijk en draagt bij aan het opvangen van (zomerse) piekbuien.
Bij een hoge vaarintensiteit in de watergang of grote golfwerking kan het noodzakelijk zijn om extra maatregelen te nemen ter bescherming van de oever.
Door het toepassen van de voorkeursstrategie bevorderen we de ecologie, waterkwaliteit, biodiversiteit, robuustheid en klimaatbestendigheid van het watersysteem en het openbaar groen.
3.1.2. Betrokkenen
Wanneer in een A- of B-watergang (zoals wordt weergegeven in de legger van Waterschap Rivierenland) een natuurvriendelijke oever wordt aangelegd, dan dient Waterschap Rivierenland op de hoogte te worden gebracht. Op deze manier wordt de haalbaarheid van de natuurvriendelijke oever vergroot en wordt voorkomen dat na realisatie gehandhaafd gaat worden door het waterschap. Het betrekken van omwonenden of verenigingen is wenselijk bij de aanleg van watergangen of plassen.
Omgevingswet, participatie
Eén van de doelen van de Omgevingswet is om participatie naar een hoger niveau te tillen. Dat betekent dat betrokkenen/belanghebbenden, zoals inwoners en visverenigingen, meer meegenomen worden in besluitvorming voor hun leefomgeving. Betrokkenen worden dus meer en beter gehoord, zowel op formele wijze (zienswijzen) als op informele wijze (ideeën, visies). Dit brengt ook meer verantwoordelijkheid met zich mee. Er wordt namelijk van betrokkenen verwacht zelf na te denken en initiatief te nemen; échte participatie!
Echte participatie is positief, maar de keerzijde van de medaille is dat dit voor de gemeente minder houvast biedt. De sterkere stem van betrokkenen wordt mogelijk gemaakt, omdat de Omgevingswet minder aan wetmatige blauwdrukken vastlegt voor gemeenten. Hóe participatie plaatsvindt, wordt minder eenduidig dan voorheen; het gaat meer afhangen van de uitgangspunten/randvoorwaarden van de gemeente en de kenmerken van het project, de omgeving en de betrokkenen.
3.1.3. Waterberging
Het is belangrijk dat geen water verloren gaat bij het vervangen van een oeverbescherming of bij het realiseren van een natuurvriendelijke oever. Bij de aanleg van een oever is het gewenst om dit volgens de algemene regels van het waterschap te doen. De algemene regels zijn te vinden op de website van Waterschap Rivierenland en gelden voor zowel de gemeente als voor de inwoners en bedrijven van de gemeente.
Het dempen van water zal altijd gecompenseerd moeten worden in hetzelfde peilgebied als waar de demping plaatsvindt. Het is gewenst de watercompensatie zo dicht mogelijk bij de demping te realiseren. Wanneer een oeverbescherming voor de bestaande oeverbescherming geplaatst wordt (dit kan plaatsvinden bij onderhoud en vervanging), dan wordt water gedempt. Het gedempte water zal dus gecompenseerd moeten worden.
Wanneer een grote hoeveelheid extra waterberging wordt gegraven zonder dat dit noodzakelijk was, dan kan dit worden opgenomen bij de vergunning. Zodoende hoeft er bij afname van de waterberging op een andere locatie, binnen hetzelfde peilgebied, minder gecompenseerd te worden (de nieuwe ontwikkeling met een afname van waterberging kan verrekend worden met de eerder extra gerealiseerde waterberging). Aanpassingen in waterberging worden verwerkt in de waterbergingsbank van de Gemeente Vijfheerenlanden.
Artikel 3.1.