**1..** De voorzitter en de leden zijn, in het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, verplicht tot geheimhouding van de aangelegenheden die de individuele burger betreffen. Deze verplichting is ook van toepassing na beëindiging van het lidmaatschap van de commissie.
**2..** De voorzitter en de leden zijn gehouden de stukken, die hen voor de uitoefening van hun taken worden toegezonden, met inachtneming van de voor de gemeente geldende regelgeving te vernietigen.
**3..** Bij schending van de geheimhoudingsplicht, als bedoeld in dit artikel, kan de betrokkene worden geschorst. Alvorens hiertoe over te gaan, wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. Vervolgens kan de betrokkene een schriftelijke waarschuwing worden gegeven of worden ontslagen.
Artikel 5.