Gesloten bodemenergiesystemen zijn systemen die onder meer gebouwen, woningen en kleine bedrijven op een duurzame manier verwarmen en/of koelen. Door gesloten leidingen (bodemlussen) wordt (met behulp van een warmtepomp) vloeistof door de bodem geleid om aan de bodem warmte of koude te onttrekken. Hierbij wordt echter geen grondwater verpompt zoals bij een open bodemenergiesysteem, ook de vloeistof in de lussen komt niet in contact met het grondwater.
In een persbericht van de Inspectie Leefomgeving en Transport (IL&T) medio 2018 werd geconcludeerd dat bij 11 van de 13 gecontroleerde bedrijven in den lande flinke gebreken zijn geconstateerd bij de afdichting van de scheidende watervoerende pakketten, hetgeen kan leiden tot verminderde kwaliteit van het grondwater, verstoring van grondwater stroming met als mogelijk gevolg verzoeting dan wel verzilting in verschillende grondlagen en bodemverontreiniging door lekkage van bodemvreemde stoffen. Het IL&T concludeerde dat het toezicht anders en krachtiger moet. Ook moet worden voorkomen dat de systemen negatieve interferenties hebben op elkaar met verminderd rendement als gevolg.
Tot en met 2020 zijn er steekproefsgewijze controles uitgevoerd op basis van de lokale kennis vanuit toezicht (uitvoerder, systeemkennis etc.). Het spontane naleefgedrag blijkt beperkt. Aangezien er steeds meer WKO’s worden geplaatst (met bovenvermelde risico’s) en de geldende regels niet spontaan worden nageleefd, is een verhoging van de risicoscore aan de orde. De boorfase is het meest risicovol, hier wordt bij het toezicht dan ook de meeste aandacht aan besteed. Wanneer onvolledige meldingen of onvolledige aanvragen voor een beperkte omgevingsvergunning (de zogenaamde OBM) worden ontvangen, wordt toezicht gehouden op de eventuele illegale plaatsing. Verder is wettelijk vastgesteld dat grotere systemen (>70 kWh) jaarlijks een monitoringsrapportage moeten indienen. Het streven is om altijd aanwezig te zijn bij de boringen.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.6