**1..** Het college kent een individuele voorziening toe voor zover uit het verslag dan wel het gezinsplan blijkt dat de jeugdige:
op eigen kracht of met zijn ouders of andere personen uit zijn sociale omgeving geen oplossing voor zijn hulpvraag kan vinden;
geen oplossing kan vinden voor zijn hulpvraag door, al dan niet gedeeltelijk, gebruik te maken van een overige voorziening;
geen oplossing kan vinden voor zijn hulpvraag door, al dan niet gedeeltelijk, gebruik te maken van een andere voorziening.
**2..** Recht op een individuele voorziening bestaat slechts voor zover deze als de goedkoopst passende voorziening kan worden aangemerkt.
Hoofdstuk 4:
Artikel 9: