In afwijking van artikel 3.9 komen in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking:
interne loonkosten van een gemeente of waterschap;
legeskosten indien de aanvraag wordt gedaan door een bestuursorgaan;
kosten voor waardedaling van grond of opbrengstderving;
kosten voor de aanleg, beheer en onderhoud van verharde constructies en gebouwen;
kosten voor machines, gereedschap en materialen, tenzij deze speciaal bedoeld zijn om invasieve exoten te bestrijden of te beheersen;
kosten voor onvoorziene omstandigheden.
Artikel 3.12 Verplichtingen subsidieontvanger
De subsidieontvanger heeft de volgende verplichtingen:
Activiteiten als bedoeld in artikel 3.2 onder a, b en c, zijn uiterlijk vijf jaar na de datum van de subsidieverlening gerealiseerd, met een verlengingsmogelijkheid van maximaal vijf jaar;
In geval van uitvoerings- en onderzoeksactviteiten als omschreven in artikel 3.2, onder a, wordt het voorkomen van de bestreden invasieve soort(en) op de projectlocatie (bij aanvang van het project) opgenomen in de Nationale Databank Flora en Fauna.
Na afloop van uitvoeringsactiviteiten dienen de resultaten van de ingreep middels een monitoringsverslag gedeeld te worden met de provincie Utrecht. Het monitoringsverslag dient gemaild te worden naar subsidiebiodiversiteit@provincie-utrecht.nl en minimaal de volgende componenten te bevatten:
Een omschrijving en/of weergave van de startsituatie (voorkomen/groeiareaal, effect op biodiversiteit);
Een omschrijving van de uitgevoerde werkzaamheden/bestrijdingsmethode en de praktische uitvoerbaarheid daarvan;
Een omschrijving en/of weergave van de eindsituatie.
Paragraaf 3
Artikel 3.11