Op 8 juli 2019 is door het Ministerie Infrastructuur en Waterstaat een brief en bijbehorend Tijdelijk Handelingskader ten aanzien van hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie aan de Tweede kamer aangeboden (8 juli 2019, kenmerk: IENW/BSK-2019/131399). De publicatie van het tijdelijk handelingskader in juli 2019 leidde tot een tot een vergrote onderzoeksinspanning en (in sommige gevallen) vertraging bij projecten. De grond, waarin lage gehalten met PFAS-verbindingen voorkomen, kon niet worden hergebruikt terwijl de gehalten niet direct zouden leiden tot risico’s bij het (toekomstig) bodemgebruik.
Op 29 november 2019 is een geactualiseerde versie van het Tijdelijk Handelingskader verschenen waarbij hogere landelijke toepassingsnormen van PFAS-houdende grond zijn vastgesteld. Dit biedt meer ruimte voor hergebruik van PFAS-houdende grond.
Daarnaast is op 21 november 2019 een beleidsregel van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland in werking getreden en stelt kaders in het kader van de Wet bodembescherming. Zo zijn waarden voor PFOS, PFOS en overige PFAS vastgesteld om te beoordelen of sprake is van een bodemverontreiniging.
Het doel van onderhavig document is om het grondverzet binnen het beheergebied van de 7 gemeenten binnen het werkgebied van de OD IJmond verder te faciliteren door het gebruik van achtergrondwaarden in combinatie met het vaststellen van Lokale Maximale Waarden5Zoals beschreven in artikel 44 van het Besluit bodemkwaliteit (LMW). De LMW kunnen worden vastgesteld binnen de ‘altijd’- en ‘nooit’-grens. De ‘altijd’-grens wordt bepaald door de achtergrondwaarde uit het geactualiseerd Tijdelijk handelingskader van 29 november 2019.
De ‘nooit’-grens wordt bepaald door het saneringscriterium: boven het saneringscriterium is sprake van onaanvaardbare humane en/of ecologische risico’s. Met behulp van de LMW kunnen de gemeenten in het beheergebied actief sturen op het gewenste beschermingsniveau en de toepassingsmogelijkheden van vrijkomende grond uit het beheergebied.
De in deze notitie opgenomen kaarten kunnen als bewijsmiddel worden gebruikt voor de kwaliteit van vrijkomende grond en van de ontvangende bodem voor PFAS-verbindingen. Hierdoor hoeven minder partijkeuringen en bodemonderzoeken te worden uitgevoerd wat een kosten- en tijdbesparende factor is bij grondverzet. Met de vast te stellen toepassingseisen zetten de gemeenten in het werkgebied van de OD IJmond het regionale milieuvriendelijke grondstromenbeleid voort.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.2