Naast de verplichtingen op grond van artikel 9 en 10 van de ASA2023, zijn aan subsidie op basis van dit hoofdstuk de volgende verplichtingen verbonden:
de gebruikte zonnepanelen dienen uiterlijk 31 december 2027 te zijn geïnstalleerd, tenzij in de verleningsbeschikking een andere termijn gesteld wordt. Deze termijn kan door het college op verzoek worden verlengd indien het college dit uitstelverzoek, voorzien van een passende verklaring, binnen de gestelde termijn ontvangt;
de gebruikte zonnepanelen dienen tenminste vijf jaar op, aan of in het vastgoed te functioneren;
voor zover vereist dient de aanvrager vergunning te hebben verkregen voor de subsidiabele activiteiten voordat deze met de uitvoering is begonnen;
voor de installatie van een elektrische boiler dient gemiddeld per aansluiting minimaal 1800 Wattpiek aan zonnepanelen-vermogen te worden geïnstalleerd;
de ontvanger dient aan de door het college met controle belaste personen op verzoek:
inzage te verlenen in de op de subsidieaanvraag betrekking hebbende bescheiden en tekeningen;
de gelegenheid te geven tot het controleren en kopiëren van alle documenten die betrekking hebben op de uit te voeren en uitgevoerde werkzaamheden;
alle inlichtingen te verstrekken, die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor het beoordelen of de regeling juist is toegepast en de voorschriften bij subsidieverlening zijn nageleefd; en
toegang te verlenen tot de onroerende zaak waarop de subsidieverlening betrekking heeft.
de aanvrager administreert de netto kosten die zijn verbonden met de activiteiten op een zodanige wijze dat inzicht kan worden verkregen in de hoogte van deze kosten, zulks afgescheiden van de reguliere bedrijfsvoering, in relatie tot de voor deze activiteiten verstrekte subsidie.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.10
Aanvullende verplichtingen
Onderdeel van Subsidieregeling duurzame Amsterdamse energie