**1..** Vereniging die op grond van artikel 11 van deze regeling een bedrag voor fondsvorming ontvangen, komen in aanmerking voor een renteloze lening van ten hoogste het bedrag gelijk aan tien maal de hoogte van het bedrag waarop op grond van artikel 11 aanspraak bestaat.
**2..** Nadat tenminste 25% van het bedrag van de in het vorige lid bedoelde lening is afgelost, kan een nieuwe lening worden verstrekt, die tezamen met het nog niet afgeloste gedeelte van de lening, niet meer bedraagt dan tien maal het subsidiebedrag dat op grond van artikel 11 van deze regeling in het betreffende jaar wordt verleend.
**3..** Indien een vereniging een renteloze lening heeft opgenomen, wordt het bedrag als bedoeld in artikel 11 van deze regeling niet uitbetaald, doch jaarlijks verrekend met de lening totdat deze geheel is afgelost.
**4..** Wanneer de vereniging in een kalenderjaar niet of niet tijdig een subsidieaanvraag op grond van artikel 11 van deze regeling doet, wordt de volledige renteloze lening direct opeisbaar.
Artikel 12.