Demonstraties worden gereguleerd door de Wom en zijn niet gereguleerd in de Wpg.
Specifieke uitgangspunten inzake demonstraties zijn:
De individuele deelnemer van een demonstratie heeft in de eerste plaats een eigen verantwoordelijkheid als het gaat om zijn of haar gezondheid;
Daarnaast heeft de organisator van de demonstratie een verantwoordelijkheid voor de gezondheid voor de deelnemers van de demonstratie.
In het kader van de bestrijding van de pandemie, neemt de lokale overheid daar bovenop ook maatregelen. Daarbij geldt:
De landelijke richtlijnen zijn leidend;
Het recht om te demonstreren is een grondrecht;
Demonstreren is een essentieel onderdeel van een democratische rechtstaat.
Handhavingslijn:
Organisator wijzen op risico’s van de demonstratie voor de volksgezondheid (artikel 2 WOM) en de regels gesteld in de Wpg;
Afhankelijk van grootte en aard demonstratie kunnen aanwijzingen worden gegeven (artikel 6 WOM) of kan de burgemeester besluiten om de demonstratie te beëindigen op grond van de artikelen 7 en 8 WOM;
In geval van beëindiging maakt de politie het besluit van de burgemeester kenbaar dat de manifestatie is beëindigd (vordering) en dat men uiteen moet gaan (waarschuwing);
Handhaven volgt indien de opdracht niet wordt opgevolgd (lees: demonstratie gaat door). Strafbaarstelling staat in art. 11 WOM;
Opdracht tot beëindiging van de burgemeester vastleggen in mutatie/proces-verbaal van de politie. De vordering vastleggen in mutatie/proces-verbaal van de politie.
Indien een kennisgeving wordt gedaan, volgt de reguliere procedure van de WOM. De burgemeester kan naar aanleiding van een kennisgeving beperkingen of voorschriften stellen of een verbod geven (met inachtneming van de doelcriteria uit artikel 2 WOM).
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.14
Demonstraties
Onderdeel van Besluit van de burgemeester van de gemeente Schiedam houdende regels omtrent de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19