**1..** De geluidsnormen bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19a en 2.20 van het Besluit en artikel 4:4 van deze verordening gelden niet voor door het college per kalenderjaar aan te wijzen collectieve festiviteiten.
**2..** In een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid, kan het college bepalen voor welk gebied van de gemeente de aanwijzing geldt.
**3..** Het college kan wanneer een collectieve festiviteit redelijkerwijs niet was te voorzien, een festiviteit onverwijld als collectieve festiviteit als bedoeld in het eerste lid aanwijzen.
**4..** Op de dagen als bedoeld in het eerste lid is, voor wat betreft het ten gehore brengen van muziek – hoger dan de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19a en 2.20 van het Besluit en artikel 4:4 van deze verordening – de onder e opgenomen tabel van toepassing, met dien verstande dat:
de in de tabel aangegeven normen binnen in- of aanpandige geluidgevoelige gebouwen niet gelden als de gebruiker van deze geluidgevoelige gebouwen geen toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren of doen uitvoeren van geluidsmetingen;
de in de tabel aangegeven normen op de gevel ook gelden bij geluidgevoelige terreinen op de grens van het betreffende terrein;
de geluidsnormen in, in- en aanpandige geluidgevoelige gebouwen, voor zover het woningen betreft, gelden in geluidgevoelige ruimten en verblijfsruimten;
bij het bepalen van de geluidsniveaus zoals vermeld in de tabel geen bedrijfsduurcorrectie wordt toegepast als muziekgeluid wordt waargenomen bij het ontvangerpunt ter plaatse van de geluidgevoelige bestemming;
tabel:
**5..** De geluidsnormen als bedoeld in het vierde lid gelden voor het bebouwde gedeelte van de inrichting en voor een op het bebouwde gedeelte gelegen terras.
**6..** De geluidsnormen als bedoeld in het vierde lid zijn inclusief onversterkte muziek en inclusief 10 dB(A) toeslag vanwege muziekstrafcorrectie.
**7..** Bij het inpandig ten gehore brengen van muziekgeluid blijven ramen en deuren van de inrichting gesloten, tenzij voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 1
Artikel 4:2