6.2.1 Vrijstelling Participatiewet
De inkomens- en vermogensbestanddelen uit artikel 31 lid 2 Participatiewet worden voor de bijzondere bijstand niet tot de middelen van de belanghebbende gerekend.
6.2.2 Vrijstelling voor gedupeerden van de toeslagenaffaire
Alleen de eenmalige hardheidstegemoetkoming die gedupeerden van de toeslagenaffaire hebben ontvangen op grond van artikel 49 Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen wordt niet gerekend tot het inkomen en vermogen van de aanvrager bij de uitvoering van de bijzondere bijstand (inclusief de Individuele Inkomenstoeslag en Studietoeslag) in het jaar waarin deze tegemoetkoming is ontvangen. De vrijstelling voor vermogen geldt ook voor de jaren 2022 tot en met 2025 voor zover de “hardheidstegemoetkoming voor de toeslagenaffaire” nog niet is besteed door de gedupeerde c.q. aanvrager van de bijzondere bijstand. Het aankopen van beleggingsproducten en crypto’s wordt ook als een besteding aangemerkt. Alle inkomsten verkregen uit deze “hardheidstegemoetkoming voor de toeslagenaffaire” worden wel beschouwd als middelen bij de uitvoering van de bijzondere bijstand.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.2