Handhavers zijn er voor een leefbare en veilige omgeving voor de burger. Soms dient er tegen diezelfde burger opgetreden te worden als deze zich niet aan de wet- regelgeving houdt.
3.3.1 Strafrechtelijke handhaving
Handhavers zijn bevoegd om op een aantal feiten uit het strafrecht op te treden. Deze feiten hebben allen een relatie tot leefbaarheid. Het opleggen van stafrechtelijke boetes is een middel dat handhaving kan inzetten om het naleefgedrag te bevorderen. Handhavers leggen boetes op als er sprake is van bewust overtreden van wet- en regelgeving, zoals foutparkeren en het niet opruimen van uitwerpselen van honden. In principe wordt eerst strafrechtelijk opgetreden (het opleggen van een boete) voordat het bestuursrechtelijke handhaving wordt toegepast.
3.3.2 Bestuursrechtelijke handhaving
Het bestuursrechtelijke instrument kan worden ingezet als strafrechtelijke optreden niet leidt tot het gewenste nalevingsgedrag of als er acute overlast ontstaat met risico’s voor de veiligheid en leefbaarheid, bijvoorbeeld:
Een inwoner die weigert overhangend groen te verwijderen kan een dwangsom opgelegd krijgen als deze de overtreding niet zelf tenietdoet (last onder dwangsom).
Inwoners die hardnekkig hun aanhangwagen in strijd met de APV parkeren kunnen een dwangsom opgelegd krijgen (last onder dwangsom).
De gemeente kan daarna alsnog besluiten de aanhangwagen te laten verwijderen en de kosten te verhalen op de overtreder (last onder bestuursdwang).
Het weghalen van weesfietsen (last onder bestuursdwang).
Het bestuur kan zelf besluiten wanneer zij dwangsommen oplegt en de hoogte ervan vaststellen via de APV. In de beleidsperiode 2020-2022 wordt gekeken waar de bestuurlijke handhaving effectief ingezet kan worden.
3.3.3 Optimaal gebruiken bevoegdheden politie en handhaving
Zie ook bijlage 1 ‘De handhavingsmatrix’ voor verdere toelichting op de keuze voor inzet van strafrecht versus bestuursrechtelijke handhaving. Deze matrix laat zien dat de samenwerking met de politie op veiligheid van belang is vanwege de bevoegdheden. Handhaving kan op een beperkt aantal feiten strafrechtelijke optreden, terwijl de politie over ruime strafrechtelijke bevoegdheden beschikt. De gemeente kan daarentegen op grond van de APV bestuursrechtelijk optreden, daar waar de politie dat niet kan. In een aantal gevallen betekent dit een gezamenlijke inzet van politie en handhaving, met name wanneer er geweld dreigt. Ook maken politie en handhaving afspraken over het gebruik van elkaars communicatiemiddelen en om assistentie verzoeken.
Artikel 3.3