**1..** Aanvragen om eenmalige subsidie worden behandeld in volgorde van binnenkomst.
**2..** Indien het van toepassing zijnde subsidieplafond voor een periodieke subsidie als bedoeld in artikel 1.5 ontoereikend is om alle niet op grond van artikel 1.6 eerste lid en tweede lid a. en b. en c. geweigerde aanvragen te honoreren, rangschikt het college deze aanvragen op een prioriteitenlijst. Hierbij worden afzonderlijke activiteiten die zien op hetzelfde met elkaar vergeleken om tot een optimale mix van activiteiten per gebied te komen.
**3..** De rangschikking wordt bepaald op basis van de volgende criteria:
de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het doel van deze subsidieregeling;
de mate waarin de activiteiten bijdragen aan de collegeprioriteiten voor de sociale basis;
de mate waarin de activiteiten aansluiten bij de gebiedsgerichte opgave(n) sociale basis;
de mate waarin de organisatie in de aanvraag blijk geeft over verbinding met (organisaties in) de wijk en de buurt te beschikken en voldoende kennis heeft over de verhoudingen en omstandigheden in de wijk of de buurt;
de mate waarin bij de voorbereiding en uitvoering van activiteiten de betrokkenheid van bewoners en/of ervaringsdeskundigen is geborgd;
aantoonbare samenwerking met partners rondom de brede sociale opgave;
gerichtheid op preventie, inclusie, cohesie en cultuursensitiviteit;
de mate waarin blijk wordt gegeven van kennis en expertise met betrekking tot (het werken met) kwetsbare groepen;
de mate waarin blijk wordt gegeven van kennis over emanciperende krachten in de stad en/of groepen die te maken hebben met uitsluiting of achterstelling;
de mate van continuïteit van dienstverlening aan de Amsterdammer;
de prijs-kwaliteitsverhouding;
de mate waarin blijk wordt gegeven van doorontwikkeling van aanbod en innovatieve manieren van werken.
**4..** De aanvragen worden binnen het van toepassing zijnde subsidieplafond geheel of gedeeltelijk gehonoreerd naar de volgorde van de rangschikking waarvoor subsidie is aangevraagd.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.7