Er is van diverse locaties bekend dat hier met regelmaat overlast wordt ervaren door geparkeerde voertuigen. De gemeente is zich hiervan bewust en wil graag meedenken in oplossingsrichtingen. Het gaat zowel om klachten over parkeerdruk als over parkeergedrag. Op diverse locaties zijn er pieken in de parkeervraag, bijvoorbeeld bij verenigingen, in winkelcentra, in woonwijken en rondom de scholen. Daarnaast is ook foutief parkeergedrag een oorzaak van klachten en meldingen.
Aanpak parkeerklachten
Bij parkeerklachten staat parkeren in woonwijken vaak centraal, nog meer dan in de centra. Het gaat hierbij veelal om bewoners en hun bezoek. Parkeren in woonwijken wordt landelijk steeds meer als een probleem ervaren. In veel plaatsen komt dit doordat wijken bij de inrichting niet berekend zijn op het huidig autobezit. Vaak is het niet eenvoudig om extra parkeercapaciteit te realiseren doordat de ruimte beperkt is. Altena kiest ervoor om eerst te beïnvloeden, dan te benutten en daarna pas te bouwen.
Om vooraf te beoordelen of een parkeerklacht ook daadwerkelijk een probleem is hanteert de gemeente een objectieve toets, zie bijlage 1.
Beinvloeden van de parkeervraag
Beïnvloedingsmaatregelen zijn erop gericht om het parkeerprobleem te verlichten door in te grijpen in het autobezit en autogebruik. Dit type maatregelen valt uiteen in beïnvloeding van het gedrag door aandacht voor het ontwerp en het bieden van alternatieven. Veel van de oplossingen liggen in een vroege ontwerpfase en zijn bruikbaar bij nieuwbouwsituaties.
Bepaalde vormen van gedragsbeïnvloeding zijn ook toepasbaar in bestaande situaties, zoals alternatieven voor de eigen auto (deelauto) of alternatieve vervoerswijzen (OV en fiets).
Hierdoor kan de parkeervraag in een woonwijk worden getemperd. Beïnvloedingsmaatregelen lossen vaak niet het gehele parkeerprobleem op, maar leveren wel een structurele bijdrage aan het verminderen of voorkomen van knelpunten.
De gemeente luistert naar en denkt graag mee met haar burgers en wil hen ondersteunen bij het aangaan van het gesprek. Dit kan zijn door ervaringen te delen, kaders mee te geven voor oplossingsrichtingen en/of door het aanleveren van informatie, bijvoorbeeld door de structurele parkeerdruk in beeld te brengen of door het meest recente parkeerdrukonderzoek te delen.
Wanneer ongewenst gedrag de oorzaak is van een parkeerprobleem wordt in eerste instantie ingezet op bewustwording en zelfredzaamheid. Daarna volgt pas handhaving. In overleg met politie en handhaving worden parkeergedragsproblemen besproken en handhavingsprioriteiten vastgesteld. Aansturing van de politie vindt plaats in het driehoeksoverleg en kan zodoende niet door de gemeente worden afgedwongen.
Benutten van het parkeeraanbod
De aanwezige parkeercapaciteit wordt niet altijd optimaal benut. Voertuigen staan bijvoorbeeld zodanig geparkeerd dat de aanwezige capaciteit niet volledig kan worden gebruikt of men parkeert (foutief) voor de deur terwijl er verderop nog plekken vrij zijn. De gemeente zet daarom in op het optimaliseren van bestaande parkeercapaciteit in woonwijken. Dit omvat onder andere het meenemen van parkeerproblemen bij groot onderhoud en herinrichtingprojecten.
Zonder een vorm van parkeerregulering kunnen bewoners echter niet worden gedwongen om op eigen terrein te parkeren. In de basis is de gemeente tegen het gebruiken van parkeergelegenheid op eigen terrein voor andere doeleinden dan autoparkeren - hiermee wordt immers een parkeerprobleem op straat gecreëerd. De mate van benutting van parkeermogelijkheden op eigen terrein is daarom een argument om de parkeercapaciteit in de openbare ruimte wel of niet uit te breiden bij bijvoorbeeld groot onderhoud en herinrichtingprojecten.
Bij knelpunten, waaronder het parkeren van busjes en parkeren bij scholen, worden bewoners gewezen op de eigen verantwoordelijkheid. Stringente handhaving voorkomt dat men parkeert op plaatsen waar dat niet de bedoeling is: hoeken, trottoirs, groenstroken, kruisingen en voor uitritten.
Bouwen van extra parkeercapaciteit
In woonwijken waar de overlast wordt veroorzaakt door eigen bewoners -en waar bovenstaande maatregelen geen uitkomst bieden- is uitbreiding van de parkeercapaciteit de enige mogelijkheid om te voorzien in de vraag. Binnen bestaande woonwijken is de realisatie van gebouwde parkeervoorzieningen fysiek lastig en duur. Daarom wordt vaak gekeken naar mogelijkheden op maaiveld. Dit mag echter niet ten koste gaan van de kwaliteit van de openbare ruimte. Zo kiest de gemeente ervoor om speelplaatsen niet op te offeren voor parkeervoorzieningen.
Inzet op handhaving
Handhaving is ook onderdeel van het oplossen van parkeerproblemen. De prioriteit van de politie ligt niet bij handhaving van parkeren. Het uitgangspunt is om de gemeentelijke Boa’s in te zetten voor de handhaving van parkeerproblemen.
Data en monitoring parkeren
In navolging op het GVVP zet de gemeente in het kader van dit parkeerbeleid in op monitoring. Bij terugkerende klachten over parkeren gaat de gemeente over tot het uitvoeren van een parkeeronderzoek. Het is nodig om periodiek parkeeronderzoeken op straat uit te voeren in de kernen van Altena om een beeld te krijgen van de parkeerdruk op straat. Deze informatie vormt een belangrijke pijler in de aanpak van klachten en meldingen over parkeren, zie ook bijlage 1. De werkelijke parkeerdruk bepaalt immers objectief of ergens een probleem is of niet.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.1.
Parkeerklachten- en meldingen
Onderdeel van Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena houdende regels omtrent het parkeerbeleid