**1..** Voor de gedragingen, als genoemd in artikel 26, aanhef en onderdeel b, en artikel 27, aanhef en onderdeel b van de Verzamelverordening, legt het college in plaats van een maatregel, eerst een schriftelijke waarschuwing op, tenzij:
de belanghebbende zich in de 12 maanden voor de gedraging al eerder schuldig heeft gemaakt aan een als verwijtbaar aan te merken gedraging uit dezelfde categorie;
duidelijk is dat de belanghebbende ondubbelzinnig niet aan deze verplichting heeft willen voldoen.
**2..** Het college ziet af van het opleggen van een bestuurlijke boete en volstaat met het geven van een schriftelijke waarschuwing als:
het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenplicht niet heeft geleid tot een benadelingsbedrag;
het benadelingsbedrag niet hoger is dan € 150,00;
**3..** In afwijking van het tweede lid legt het college wel een bestuurlijke boete op als:
de schending van de inlichtingenplicht plaatsvindt binnen twee jaar nadat in verband met een eerdere schending van de inlichtingenplicht een bestuurlijke boete of een waarschuwing is opgelegd;
het college het gegronde vermoeden heeft dat de inlichtingenplicht opzettelijk is geschonden.
Hoofdstuk 4: › Paragraaf 4.1:
Artikel 4:3: