Van mantelzorg als bedoeld in artikel 21 van de Huisvestingsverordening wordt gesproken als deze bestaat uit:
dagelijkse zorg (7 dagen per week) die thuis wordt geboden in de vorm van huishoudelijke hulp, persoonlijke verzorging of verpleging of individuele begeleiding, waarbij deze zorg minimaal 10 uur per week bedraagt; en,
er sprake is van langdurige zorg met de verwachting dat de mantelzorgrelatie minimaal 1 jaar in stand blijft;
Van het dringend woonruimte nodig hebben als bedoeld in lid 1 van artikel 21 van de Huisvestingsverordening blijkt als de vervangende huisvesting een wezenlijke bijdrage aan de taakverlichting van de mantelzorgverlener levert, onder meer door een vermindering van de afstand tussen de woningen van de ontvanger en verlener van mantelzorg tot een reisafstand van minder dan 8 kilometer.