**1..** Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins wordt gebruikt:
langer dan op drie achtereenvolgende dagen, zonder wezenlijke tijdsonderbreking, te plaatsen of te hebben op een door het college aangewezen weg, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte of schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente;
op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.
**2..** Het college kan in uitzonderlijke gevallen ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a als uit beoordeling van een aanvraag blijkt dat: een camper ook wordt gebruikt als dagelijks vervoermiddel, een camper qua afmetingen niet afwijkt van een personenbusje en niet valt onder de bepalingen in artikel 5.1.7. Aan een ontheffing kunnen nadere voorschriften worden verbonden.
**3..** Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het provinciale Omgevingsbeleid of de provinciale landschapsverordening.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.1
Artikel 5.1.5