De reserves worden onderscheiden in algemene reserve en de bestemmingsreserves. In de gemeente Baarn worden de bestemmingsreserves onderscheiden in de gewone bestemmingsreserves en de bruto waarderingsreserves (ter dekking van afschrijvingslasten).
Algemene reserve
De algemene reserve is in principe een vrij inzetbare reserve; de raad kent geen bestedingsdoel toe aan deze reserve. Vandaar de naam algemene reserve. In de gemeente Baarn is de algemene reserve echter verdeeld in een risicodeel en een vrij deel.
Het risicodeel is een beredeneerde financiële kwantiteit van verwachte risico’s in de totale gemeentelijke beleidsuitvoering. Tweemaal jaarlijks, bij de begroting en bij de jaarrekening, wordt dit benodigd geachte saldo berekend en opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.
Het vrije deel is het saldo van de algemene reserve minus het risicodeel. Het is daadwerkelijk vrij inzetbaar op raadsbesluit.
Bestemmingsreserves
Artikel 43 lid 2 BBV definieert een bestemmingsreserve als een reserve waar de raad een specifiek bestedingsdoel aan heeft gegeven. De aanwending mag niet anders zijn dan het vastgestelde bestedingsdoel. De raad kan het bestedingsdoel wijzigen. Het streven is om geen bestemmingsreserves te hebben. Uitgaven voor een apart bestedingsdoel worden via de algemene reserve toegekend en met het systeem van budgetoverheveling gemonitord.
Bruto waarderingsreserves
De reserves die zijn ingesteld ter dekking van kapitaallasten worden de bruto waarderings reserves genoemd.
Deze reserves worden veelal gevormd met incidentele middelen, omdat er geen structurele middelen in de begroting zijn om de afschrijving te dekken.
Het beleid van de gemeente Baarn (financieel duurzaam beleid) is erop gericht op termijn deze reserves slechts tijdelijk aan te houden en zodra de mogelijkheid zich voordoet op te heffen indien de kapitaallasten volledig ten laste van het begrotingssaldo zijn te brengen.
De onttrekking uit de bruto waarderings reserve mag niet hoger zijn dan het percentage dat het saldo van de reserve is ten opzichte van de boekwaarde van het actief. Voorbeeld: de boekwaarde is 100%, het saldo van de bruto waarderings reserve bedraagt 65% hiervan, dan is de onttrekking slechts 65% van de kapitaallast. Resterende kapitaallast komt ten laste van het begrotingssaldo.
Voorzieningen
De voorzieningen worden onderscheiden in voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico’s, onderhoudsvoorzieningen en door derden beklemde middelen. Ze worden ingezet voor concrete verplichtingen of verwachte verliezen.
Verplichtingen, verliezen en risico’s
Deze voorzieningen worden ingezet om concrete verplichtingen of verwachte verliezen af te dekken. De verplichtingen moeten onderbouwd zijn met een berekening van de achterliggende verplichting of risico. Een voorziening die niet toereikend is, moet op peil worden gebracht met een extra storting ten laste van de begroting.
Onderhoudsvoorzieningen
Voor voorzieningen die ingesteld zijn om de lasten over de jaren heen te egaliseren, moeten onderhoudsplannen beschikbaar zijn. Alleen groot onderhoud kan gedekt worden uit de voorziening. Klein dagelijks onderhoud komt direct ten laste van het begrotingssaldo. In deze groep worden voorzieningen opgenomen voor de openbare ruimte, gemeentelijke gebouwen, riolering en begraafplaats.
Door derden beklemde middelen
Tot de voorzieningen moeten ook gerekend worden de van derden verkregen middelen met een specifiek bestedingsdoel (art 44 lid 2 BBV). Dit betekent dat middelen die verkregen zijn en in een jaar niet volledig zijn besteed, tot de voorziening gerekend worden. Hierop rust een eventuele terugbetalingsverplichting bij onderbesteding of als ze anderszins zijn ingezet.
Artikel 2 Specificatie en functies van reserves en voorzieningen
Artikel 2 Specificatie en functies van reserves en voorzieningen
Onderdeel van Nota Reserves en Voorzieningen 2021