Naar hoofdinhoud
In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: beroepsvisserijschip: schip op de door het college vastgestelde lijst; bruine vloot: schepen behorende tot de vloot van de professionele passagiersvaart (chartervaart) met traditionele zeilschepen in Nederland; college: college van burgemeester en wethouders; gevaarlijke stoffen: stoffen die gevaar voor explosie, brand, corrosie, vergiftiging, bedwelming of straling kunnen opleveren, zoals vermeld in de IMO-code (het IMO-nummer is het scheepsidentificatienummer dat bestaat uit drie letters “IMO” (voor International Maritime Organisation) gevolgd door zevencijferig getal dat wordt uitgegeven door Lloyd’s Register bij de bouw van een zeeschip) voor het vervoer van verpakte gevaarlijke stoffen over zee (International Maritime Dangerous Goods Code), de Code voor de bouw en uitrusting van schepen die gevaarlijke chemicaliën in bulk vervoeren (International Bulk Chemical Code), de Internationale Code voor de bouw en uitrusting van schepen die vloeibaar gemaakte gassen in bulk vervoeren (International Gas Carrier Code) en het in de bijlage bij het Europees Verdrag inzake het internationaal vervoer van gevaarlijke goederen over binnenwateren opgenomen Reglement (ADN), met uitzondering van eetbare oliën; haven: te Edam: de Buitenhaven, het Oorgat, de Nieuwe Haven, alsmede het gedeelte van de Nieuwe Haven tot de oostelijke ringvaart van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier; te Volendam: de haven, aan de zijde van het IJsselmeer begrensd door de denkbeeldige lijn tussen de uiteinden van de beiden havenhoofden, inclusief de buitensteiger; zoals aangegeven op de kaarten (bijlagen 1 en 2) bij deze verordening; historisch schip: schip op de door het college vastgestelde lijst; ligplaats: plaats ingericht of gebruikt om er met een schip af te meren of op enigerlei andere wijze met de vaste grond verbonden hebben van een schip; plezierschip: een jacht of ander schip dat uitsluitend wordt gebruikt voor sportbeoefening of vrijetijdsbesteding; schip: elk drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen, drijvende werktuigen zoals kranen, baggermolens, pontons of materieel van soortgelijke aard, alsmede woonschepen en woonarken; schipper: degene die aan boord van een schip voortdurend of tijdelijk het gezag voert; woonark: een schip, niet zijnde een woonschip, dat feitelijk niet geschikt en bestemd is om te worden gebruikt als middel tot verplaatsing te water en dat wordt gebruikt of is bestemd voor permanent woon- en nachtverblijf van één of meer personen; woonschip: een schip dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebezigd als of te oordelen naar zijn constructie of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak bestemd tot dag- of nachtverblijf van één of meer personen; zeilplank: een klein schip, al dan niet voorzien van een vrij bewegende zeiltuigage, die is gemonteerd op een in alle richtingen draaibare mastvoet en die tijdens het zeilen niet in een vaste positie wordt ondersteund of met een peddel wordt voortbewogen.

Rechtspraak bij dit artikel