1. Het is ter voorkoming of opheffing van overlast of schade aan de openbare gezondheid verboden in de bebouwde kom en op andere door het college aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, pluimvee, hoefdieren en eventueel andere door het college aan te wijzen dieren:
a. aanwezig te hebben;
b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door het college in het aanwijzingsbesluit gestelde regels;
c. aanwezig te hebben in een groter aantal dan waarvoor ingevolge lid 3 ontheffing is verleend;
2. Het verbod geldt niet voor pluimvee als dit tussen zonsondergang en 07.00 uur wordt opgehokt.
3. Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak gelegen binnen een krachtens het eerste lid aangewezen plaats ontheffing verlenen van een of meer verboden als bedoeld in het eerste lid.
4. Onverminderd het bepaalde in de voorgaande leden moet degene die de zorg heeft over een dier voorkomen dat dit voor een omwonende of overigens voor de omgeving geluidshinder of anderszins hinder veroorzaakt.
5. Het in de voorgaande leden bepaalde geldt niet:
a. voor dierenweiden, kinderboerderijen en dergelijke openbare plaatsen binnen woonwijken of delen daarvan waar met het oog op het woon- en leefklimaat dieren worden gehouden;
b. op locaties waarvoor door het college vergunning is verleend voor het houden van een circusvoorstelling, een week voor en een week na die voorstelling;
c. op andere door het college aangewezen plaatsen.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf
Artikel 2:60
Houden van hinderlijke of schadelijke dieren
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Terneuzen 2021