Het college stelt jaarlijks voor 1 april voorlopig vast het aantal klokuren bewegingsonderwijs waarop een school voor basisonderwijs in het daaropvolgende schooljaar aanspraak maakt.
Grondslag voor het berekenen van het aantal klokuren is het aantal leerlingen dat op 1 oktober van het lopende schooljaar op de school staat ingeschreven.
Op basis van het aantal klokuren onder 1 stelt de beheerstichting van de accommodaties voor bewegingsonderwijs een rooster op voor het gebruik van de lokalen bewegingsonderwijs.
Op basis van het aantal klokuren onder 1 stelt de beheerstichting van de accommodaties voor bewegingsonderwijs het bevoegd gezag, nadat het rooster voorlopig is vastgesteld, voor 15 mei in kennis van het rooster. Hierbij worden per school de volgende gegevens vermeld:
het aantal klokuren waarvoor de school wordt ingeroosterd;
het lokaal bewegingsonderwijs dat voor het bewegingsonderwijs is toegewezen, en
de lestijden gedurende welke het onderwijsgebruik plaatsvindt;
De bevoegde gezagsorganen kunnen tot 1 juni reageren op het voorstel.
De beheerstichting stelt het rooster voor 15 juni definitief vast en houdt hierbij rekening met de reacties van de bevoegde gezagsorganen.
Het bevoegd gezag kan de beheerstichting verzoeken meer klokuren in te roosteren dan het aantal klokuren dat door het college is vastgesteld.
De beheerstichting neemt een verzoek als bedoeld in het vorige lid uitsluitend in behandeling als daarvoor nog capaciteit beschikbaar is. Het aantal klokuren dat door de beheerstichting wordt ingeroosterd komt voor rekening van het bevoegd gezag van de school.
Hoofdstuk 6.
Artikel 30.
Mutaties aantal klokuren binnen beschikbare capaciteit, inroosteren en gebruik
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs 2021 Gemeente Alblasserdam