Naar hoofdinhoud
1.. Het Dagelijks bestuur stelt jaarlijks voor 1 april een ontwerpbegroting op voor het volgende kalenderjaar en zendt deze, voorzien van een toelichting, toe aan de raden van de gemeenten. De ontwerpbegroting bevat tevens een meerjarenraming. Het bepaalde in artikel 190, eerste lid, van de Gemeentewet is van toepassing. 2.. De raden van de gemeenten geven het Dagelijks bestuur voor 1 juni hun zienswijze over de ontwerpbegroting. 3.. Het Dagelijks bestuur zendt zo spoedig mogelijk na 1 juni doch uiterlijk 15 juni de opmerkingen van de raden en eventueel een nota van wijzigingen aan het Algemeen bestuur. 4.. Het Algemeen bestuur stelt de begroting voor 1 juli vast en zendt terstond afschriften aan de gemeenten. 5.. Het Dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval voor 15 juli aan gedeputeerde staten. 6.. Artikel 186 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. 7.. De inkomsten van de Samenwerking De Liemers bestaan uit de door de gemeenten te betalen vergoeding voor de uitvoering van de basistaken van de Samenwerking De Liemers, uit de vergoeding voor de uitvoering van de aanvullende dienstverlening en eventuele andere subsidies. 8.. Het Algemeen bestuur stelt een reglement op dat aangeeft hoe de organisatiekosten en de kosten voor het leveren van basistaken worden toegerekend en in rekening gebracht aan de gemeenten. 9.. Voor zover de kosten voor de aanvullende dienstverlening nog niet in rekening zijn gebracht via de systematiek van dit hoofdstuk, worden deze rechtstreeks in rekening gebracht bij die gemeente waarvoor de aanvullende dienstverlening is verricht. 10.. Het bepaalde in dit artikel is voor wat betreft de procedurele gang van zaken van overeenkomstige toepassing op de besluiten tot wijziging van de begroting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel