Naar hoofdinhoud
1.. Als er al aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening naar een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor voortgezet onderwijs kan het college op verzoek een vervoersvoorziening toekennen voor het vervoer naar een stageadres. Hiervoor wordt een afzonderlijke aanvraag ingediend. 2.. In afwijking van het bepaalde in artikel 3, eerste lid, van deze verordening kan een aanvraag voor stagevervoer bovendien door de school voor voortgezet speciaal onderwijs of de school voor voortgezet onderwijs gedaan worden. 3.. Het college kent de vervoersvoorziening naar een stageadres slechts toe als er wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: de stage is onderdeel van het onderwijsprogramma zoals opgenomen in de schoolgids van de school of in het stagecontract; de stagetijden komen zoveel mogelijk overeen met de reguliere schooltijden, bij afwijkingen worden maatwerkafspraken gemaakt; de stage vindt plaats op één stageadres; en het stageadres is gelegen op de route van de woning dan wel de opstapplaats naar de school. Als wordt aangetoond dat dit niet mogelijk is, dan kan het stageadres gelegen zijn binnen een door het college te bepalen maximale straal van de woning of de school. 4.. Het college kent een vervoersvoorziening slechts toe over de afstand tussen de woning van de leerling dan wel de opstapplaats en het dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke stageadres. 5.. Het college kan het stagecontract opvragen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel