**1..** Het college neemt het leerlingenvervoer op als vast agendapunt in het overleg met het samenwerkingsverband.
**2..** Het college spant zich in om in het OOGO met het samenwerkingsverband afspraken te maken over:
de spreiding van het onderwijsaanbod binnen het samenwerkingsverband en de vervoersmogelijkheden die hieruit voortvloeien;
de deskundige die het college adviseert over de vervoersmogelijkheden van een leerling en het proces dat hierbij gevolgd wordt. De deskundige betrekt in zijn advies de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling als bedoeld in artikel 4 van deze verordening;
de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de verwijzing van de leerling naar de voor hem best passende school met dien verstande, dat slechts een vervoersvoorziening door het college wordt verstrekt naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school;
de wijze waarop scholen ondersteund kunnen worden in hun informatievoorziening over het leerlingenvervoer aan ouders;
de wijze waarop vorm wordt gegeven aan een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de vervoerskosten te beheersen;
de invulling en frequentie van een overleg als bedoeld in het derde lid.
**3..** Het college organiseert periodiek een uitvoerend overleg met het samenwerkingsverband. In dit overleg worden onder andere de ontwikkelingen in het onderwijs, het gemeentelijk beleid leerlingenvervoer en het samenwerkingsverband besproken.
Artikel 5.