**1..** De burgemeester resp. een wethouder moet actief en uit zichzelf belangenverstrengeling, en zelfs de schijn daarvan, tegengaan. Een bestuurder mag zijn invloed en stem niet gebruiken om een persoonlijk belang veilig te stellen of het belang van een ander of een andere organisatie bij wie hij een persoonlijke betrokkenheid heeft.
**2..** De burgemeester resp. een wethouder onthoudt zich alleen van de stemming als er sprake is van een beslissing waarbij belangenverstrengeling dreigt; het gaat dan om kwesties waar hij zelf een persoonlijk belang heeft, of om kwesties waarbij het gaat om een belang van een individu of organisatie waarbij hij een substantiële betrokkenheid heeft. Indien de onafhankelijke oordeelsvorming van een bestuurder over een onderwerp in geding kan zijn, geeft hij bij de besluitvorming daarover aan in hoeverre het onderwerp hem persoonlijk aangaat.
**3..** De burgemeester resp. een wethouder onthoudt zich bij beslissingen waarbij belangenverstrengeling dreigt, niet alleen van stemming (art. 2.1 lid 2) maar ook van beïnvloeding van de besluitvorming in de andere fases van het besluitvormingsproces. Indien de onafhankelijke oordeelsvorming van een bestuurder over een onderwerp in geding kan zijn, geeft hij bij de besluitvorming daarover aan in hoeverre het onderwerp hem persoonlijk aangaat.
Paragraaf 2
Artikel 2.1
Artikel 2.1
Onderdeel van Gedragscode integriteit burgemeester en wethouders gemeente Heerenveen