Naar hoofdinhoud
Naast de weigeringsgronden, besproken onder 2.8 (indicatie Wlz en aanvraag maatwerkvoorziening met terugwerkende kracht), 12.2 (nieuwe aanvraag pgb binnen zelfde budgetperiode) en 12.6 (conflicterende belangen pgb), geldt nog een tweetal situaties waarin het college een pgb kan weigeren. Artikel 2.3.6, vijfde lid onderdeel a, van de wet Het kan voorkomen dat de cliënt het pgb wenst te besteden aan een duurdere maatwerkvoorziening dan waar het college de hoogte van het pgb op heeft gebaseerd. In dat geval geldt dat de cliënt het meerdere van de kosten zelf moet betalen. Het meerdere dat aan de maatwerkvoorziening wordt besteed, wordt dan door het college geweigerd. Let wel: ook in die gevallen gelden nog steeds de algemene voorwaarden van bijvoorbeeld de kwaliteit. Dat wil zeggen dat het college de kwaliteit mag beoordelen maar ook bijvoorbeeld kan nagaan of de cliënt wel in staat is om de duurdere maatwerkvoorziening te bekostigen. Als de cliënt niet bereid is het meerdere zelf te betalen, kan het college overgaan tot het weigeren van het totale pgb. Dit met het oog op de bevoegdheid van het college om te beoordelen of aan de (wettelijke) voorwaarden wordt voldaan. Bijstorten In artikel 2b lid 6 Uitvoeringsregeling Wmo 2015 is de vrijwillige bijstorting door budgethouders uitgewerkt. Er kan geld worden bijgestort voor een concrete betaalopdracht om meer of duurdere ondersteuning in te kopen. Als de budgethouder meer (uren) of een duurdere variant wil betrekken dan het toegekende pgb mogelijk maakt, kan de Svb betalingen verrichten uit bijgestorte gelden voor diensten die zijn omschreven in de overeenkomst op grond waarvan die diensten worden ingekocht en in aanvulling op hetgeen is toegekend op grond van de pgb-beschikking. Artikel 2.3.6, vijfde lid onderdeel b, van de wet Als de cliënt een pgb wenst, gaat het college na of een eerder pgb-besluit is ingetrokken onder toepassing van artikel 2.3.10, eerste lid onderdeel a, d of e, van de wet. Denk aan: het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid het niet voldoen aan de aan het pgb verbonden voorwaarden; of het pgb is niet of voor een ander doel gebruikt dan waarvoor het is verstrekt. Uitgangspunt Op grond van dit artikel kan het college als -onder meer- sprake is geweest van het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens door de cliënt een aanvraag voor een pgb weigeren (schending inlichtingenplicht). Bij gebruikmaking van deze bevoegdheid hanteert het college een grens. De aanvraag voor een pgb wordt geweigerd als de schending van verplichtingen (tot maximaal) twee jaar voorafgaand aan de nieuwe aanvraag heeft plaatsgevonden. Daarbij wordt uitgegaan van de datum van het herzienings- of intrekkingsbesluit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel