Naar hoofdinhoud
Artikel 8.5, eerste lid , van de verordening Het spreekt voor zich dat het college het ingevulde Budgetplan met de cliënt (budgethouder) wenst te bespreken. Dat is niet vrijblijvend. Wordt er geen Budgetplan ingediend, dan wordt het pgb in principe geweigerd. Dat geldt ook als de budgethouder of diens vertegenwoordiger een bespreking daarover weigert of zonder tegenbericht niet verschijnt op een uitnodiging van het college. Het college zal de budgethouder dan wel diens vertegenwoordiger in ieder geval twee keer uitnodigen om een Budgetplan in te dienen dan wel het ingediende Budgetplan te bespreken. Artikel 8.5, tweede lid, van de verordening In de verordening worden een aantal situaties beschreven die kunnen leiden tot een weigering van het pgb. Niet ingestaan voor nakomen verplichtingen Als de derde aan wie de budgethouder het pgb wenst te besteden eerder niet heeft ingestaan voor het nakomen van de pgb-verplichtingen, zal het college het pgb in principe weigeren. Denk bijvoorbeeld aan: onjuiste declaraties of onregelmatigheden daarin, de situatie dat eerder is gebleken dat geen of niet voldoende kwalitatieve ondersteuning is ingekocht. Er zijn meer voorbeelden denkbaar. Inschrijving BRP Als de derde niet staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP), dan roept dat de vraag op of de continuïteit van de aangewezen ondersteuning wel kan worden geboden. De derde die niet staat ingeschreven in de BRP moet daar een afdoende verklaring voor geven. Rechtens zijn vrijheid ontnomen In die gevallen bestaat er feitelijk geen mogelijkheid voor de derde om ondersteuning te bieden. Gewaarborgde hulp De cliënt kan afhankelijk zijn van gewaarborgde hulp. Dat is hulp van derden ter compensatie van het gebrek aan capaciteiten of bekwaamheden om zelf de regie te voeren over de aan het pgb verbonden taken. Uit het onderzoek moet blijken dat dergelijke hulp gewaarborgd is. Dat wil zeggen dat de derde moet kunnen instaan voor de nakoming van de aan het pgb verbonden verplichtingen zoals: de keuze van de ondersteuner, de kwaliteit en het behalen van het resultaat van de ondersteuning, en de financiële verantwoording rondom het pgb. Deze derde zal moeten verklaren inhoudelijke verantwoordelijkheid te willen dragen voor het nakomen van de pgb-verplichtingen. Artikel 8.5, derde lid, van de verordening Het staat de budgethouder, die voldoet aan de voorwaarden, vrij om het pgb te besteden aan een derde. De budgethouder kan, lopende de budgetperiode of na afloop daarvan, besluiten om een andere derde in te schakelen, mits wederom wordt voldaan aan de voorwaarden. Daarnaast kan het voorkomen dat de omstandigheden wijzigen en het college aanleiding heeft om de ondersteuningsbehoefte gewijzigd vast te stellen of het recht op het pgb in te trekken. Dat is de reden waarom in de verordening is bepaald dat een overeenkomst met een derde waarin ook huurbepalingen van de woonruimte zijn opgenomen, in principe niet is toegestaan. Dit voorkomt dat de budgethouder zonder woonruimte komt te zitten als hij het pgb niet meer besteedt aan de derde met wie hij de overeenkomst voor ondersteuning én woonruimte is aangegaan. De cliënt geniet dan namelijk geen huurbescherming.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel