Artikel 9.2 van de verordening
Het (deels) ongedaan maken van het recht over een periode in het verleden, wordt herzien/intrekken genoemd. Een herziening of intrekking van het besluit is het met terugwerkende kracht opnieuw beslissen over de aanspraak over een periode in het verleden. Daarbij kan het recht afwijkend worden vastgesteld (herzien) of worden ingetrokken als er in het geheel geen aanspraak heeft bestaan.
Aanleiding
De aanleiding om tot herziening of intrekking van het besluit over te gaan, kan liggen in:
het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens waarbij de verstrekking van juiste of volledige gegevens zou tot een andere beslissing zou hebben geleid,
het niet voldoen aan de aan de maatwerkvoorziening of het pgb verbonden voorwaarden,
het niet of voor een ander doel gebruiken van de maatwerkvoorziening of het pgb.
Het college beoordeelt of er aanleiding is om het besluit te herzien of in te trekken (art. 2.3.10, eerste lid aanhef en onder a, d of e, van de wet).
Hoofdstuk 14
Artikel 14.4