Naar hoofdinhoud
1.. Het pgb mag niet worden besteed aan een voor de cliënt als algemeen gebruikelijk te kwalificeren zaak of dienst. 2.. Het pgb mag niet aan een persoon worden besteed die tot de leefeenheid van de cliënt behoort en gebruikelijke hulp op zich moet nemen, maar daartoe (tijdelijk) niet in staat is wegens overbelasting of dreigende overbelasting. 3.. Het pgb mag niet worden besteed aan de kosten voor: bemiddeling (tussenpersonen of belangbehartigers), het voeren van een pgb-administratie, ondersteuning bij het aanvragen en beheren van het pgb, contributie voor lidmaatschappen (bijvoorbeeld van Per Saldo), het volgen van cursussen over het pgb, informatiemateriaal, het vervoer (reiskosten) van de derde aan wie het pgb wordt besteed. 4.. Het college maakt geen gebruik van een verantwoordingsvrij bedrag. 5.. Het college verleent geen éénmalige uitkering in geval van overlijden van de cliënt of de budgethouder . 6.. Het pgb wordt binnen drie maanden na verstrekking aangewend voor de bekostiging van het resultaat waarvoor de verstrekking heeft plaatsgevonden. Voor woningaanpassingen hanteert het college een langere termijn.

Rechtspraak bij dit artikel