Als sprake is van een aanvraag van een mantelzorgwoning gaan wij uit van de eigen verantwoordelijkheid voor het hebben van een woning. Dit kan door zelf een woning te bouwen of te huren die op het terrein nabij de woning van de mantelzorgers kan worden geplaatst. Daarbij is uitgangspunt dat de uitgaven die de verzorgde(n) had(den) voor de situatie van de mantelzorg in de mantelzorgwoning, ook in de nieuwe situatie aan wonen besteed kunnen worden. Daarbij kan gedacht worden aan huur, kosten nutsvoorzieningen, verzekeringen enz. Met die middelen kan een mantelzorgwoning gehuurd worden of deze middelen kunnen besteed worden aan een lening of hypotheek voor een mantelzorgwoning. Alleen meerkosten kunnen voor een vergoeding door de gemeente in aanmerking komen.
Iemand die mantelzorg nodig heeft, kan in het achtererfgebied van zijn mantelzorger gaan wonen. Andersom is ook mogelijk, mantelzorgverlener in de woongelegenheid en mantelzorgontvanger in de hoofdwoning. Het moet daarbij gaan om de huisvesting in of bij een woning van maximaal één huishouden van maximaal twee personen, waarvan ten minste één persoon mantelzorg verleent aan of ontvangt van een bewoner van de woning. Tijdens het onderzoek wordt gekeken naar de goedkoopst passende oplossing voor de hulpvraag. Wanneer een bijdrage voor een mantelzorgwoning niet de goedkoopst passende oplossing is, kan de aanvraag worden afgewezen.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.6
Mantelzorgzorgwoning
Onderdeel van Beleidsregels Wmo & Jeugd Gemeente Vlissingen Juni 2021