Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats voor het uitoefenen van markthandel in te nemen. 2.. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. 3.. Een standplaatsvergunning geldt voor bepaalde tijd en voor de op de vergunning vermelde standplaats. Het college kan in bijzondere omstandigheden een andere standplaats aanwijzen. 4.. Het college stelt beleidsregels vast over de verdeling/toedelingsprocedure van een marktstandplaatsvergunning. 5.. Een standplaatsvergunning kan enkel worden verleend aan een handelingsbekwame natuurlijke persoon die gerechtigd is in Nederland arbeid te verrichten

Rechtspraak bij dit artikel