**1..** Het is verboden de bodem te verstoren in een gebied dat is aangewezen op de archeologische verwachtingskaart of een gebied waar archeologische vondsten worden verwacht als in het daar geldende bestemmingsplan niet is voldaan aan artikel 3.1.6, vijfde lid, van het Besluit ruimtelijke ordening, tenzij:
voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is verleend;
het de verstoring betreft van een archeologisch monument of verwachtingsgebied dat is aangegeven op de verwachtingskaart en het verrichten van de activiteiten geen strijd oplevert met de door de gemeenteraad vastgestelde regels over de toegestane mate van verstoring;
de activiteit plaatsvindt op basis van een door het college goedgekeurd programma van eisen en een plan van aanpak waarin een deugdelijke beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening wordt gehouden en onevenredige schade voor archeologische waarden wordt voorkomen, of
met een vooronderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn.
**2..** Het bevoegd gezag kan nadere regels stellen over het verrichten van archeologisch onderzoek.
Hoofdstuk 8 › Paragraaf 5
Artikel 8:13
Instandhouding van archeologische terreinen
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving