Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6:2

Bodemonderzoek

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving

1.. Het onderzoek over de bodemgesteldheid als bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht bestaat uit: de resultaten van een recent milieuhygiënisch bodemonderzoek verricht volgens NEN 5740 +A1, april 2016, uitgave 2009, in overeenstemming met het onderzoeksprotocol dat volgt uit figuur 1. op basis van het vooronderzoek aanleiding bestaat te veronderstellen dat asbest, daaronder indien ook begrepen asbestvezels, -deeltjes, of -stof, in de bodem aanwezig is, vindt het onderzoek ook plaats op de wijze als voorzien in NEN 5707, uitgave 2003. 1. . De plicht tot het indienen van een onderzoeksrapport als bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht geldt niet als het bouwen betrekking heeft op een bouwwerk dat naar aard en omvang gelijk is aan een bouwwerk als genoemd in de artikelen 2 en 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Deze verwijzing geldt niet voor de hoogte bepalingen genoemd in de artikelen 2 en 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. 2. . Het bevoegd gezag staat een geheel of gedeeltelijk afwijken van de plicht tot het indienen van een onderzoeksrapport bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht toe, als bij het bevoegd gezag bruikbare recente onderzoeksresultaten beschikbaar zijn. 3. . Het bevoegd gezag kan een gedeeltelijk afwijken van de plicht tot het indienen van een onderzoeksrapport als bedoeld in artikel 2.4 van de Regeling omgevingsrecht toestaan voor een bouwwerk met een beperkte instandhoudingstermijn, als bedoeld in artikel 2.23 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en artikel 5.16 van het Besluit omgevingsrecht, als uit het vooronderzoek blijkt, dat de locatie onverdacht is of de gerezen verdenkingen een onderzoek als bedoeld in het eerste lid en onder a, niet rechtvaardigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel