Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1

Artikel 2:3

Omgevingsvergunning voor het maken of veranderen van een uitweg

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag: een uitweg te maken naar de weg; van de weg gebruik te maken voor het hebben van een uitweg; verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. 2.. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:3 kan een vergunning als bedoeld in het eerste lid worden geweigerd: in het belang van de bruikbaarheid van de weg; in het belang van het veilig en doelmatig gebruik van de weg; in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; in het belang van de bescherming van de groenvoorzieningen in de gemeente; vanwege de strijd met het omgevingsplan. 3.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten waarbij het gaat om een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel