Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5 › Paragraaf

Artikel 5.7

Betredings en verblijfsverbod

Onderdeel van Verordening openbare orde en veiligheid

1.. Het college is bevoegd ter voorkoming van overlast of baldadigheid plaatsen of gebieden aan te wijzen, waar het verboden is, zich tussen bepaalde tijdstippen te bevinden dan wel zich op te houden. 2.. Het is een ieder verboden zonder vergunning zich gedurende de krachtens het eerste lid bepaalde tijdstippen op de krachtens het eerste lid aangewezen plaatsen te bevinden, dan wel zich aldaar op te houden. 3.. Dit verbod is niet van toepassing op personen waarvan de aanwezigheid binnen het krachtens lid 1 aangewezen gebied, op het bepaalde tijdstip, wegens een dringende reden noodzakelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel