Algemeen
Als vastgesteld is op welke locatie handhaving nodig is (publieke plaats, besloten plaats, openbare plaats) zijn er per locatie verschillende handhavingsmogelijkheden. Het kan, afhankelijk van het soort locatie, gaan om een aanwijzing aan degene die een zorgplicht heeft voor naleving van de coronamaatregelen, een bevel aan degene die een zorgplicht heeft voor naleving van de coronamaatregelen, een last onder bestuursdwang of last onder dwangsom en een bevel.
Welke bevoegdheid het meest geschikt is, hangt in grote mate af van de concrete omstandigheden van het geval. Voor alle situaties geldt dat steeds eerst zal moeten worden bekeken of voldaan wordt aan de specifieke criteria uit de tijdelijke wet/Wet publieke gezondheid of de Gemeentewet (artikel 125 lid 3 en 174) om de bevoegdheid te kunnen inzetten. Soms is er dan een keuze tussen meerdere bevoegdheden. Zie onderstaand overzicht en schema.
Handhavingsmatrix
Deze handhavingsmatrix is van toepassing op alle overtredingen uit de Wet publieke gezondheid (Tijdelijke wet maatregelen covid-19). Van de handhavingsmatrix kan van worden afgeweken bij zowel verzachtende als verzwarende omstandigheden.
Overtreding
Sanctie
Opmerking
Eerste overtreding
Mondelinge waarschuwing die schriftelijk wordt bevestigd.
Tweede overtreding
Last onder dwangsom
Hoogte is afhankelijk van de aard en ernst van de overtreding en de grootte van de onderneming.
Derde overtreding
Verbeuren last onder dwangsom
Vierde overtreding
Last onder bestuursdwang
Duur van de sluiting is afhankelijk van de aard en ernst van de overtreding.
Waarschuwing
Bij het constateren van een overtreding wordt in principe eerst een (schriftelijke) waarschuwing gegeven. De waarschuwing wordt mondeling aangezegd door de boa en vervolgens schriftelijk bevestigd. Als na de gegeven waarschuwing wederom een overtreding wordt geconstateerd, volgt een last onder dwangsom. Bij een volgende overtreding wordt de dwangsom verbeurd. Indien na de verbeurde dwangsom wederom een overtreding wordt geconstateerd, volgt een last onder bestuursdwang. In dringende gevallen, evidente gevallen en bij excessen kan, naar het professionele oordeel van de boa of agent, direct worden overgegaan op een andere maatregel uit de handhavingsmatrix en verbaliseren van personen, zonder dat er eerst is gewaarschuwd (met uitzondering van gevallen waarin eerst een waarschuwing verplicht is: jongeren tot en met 15 jaar en bij overtreding in een gesloten gebied).
Last onder dwangsom
De last onder dwangsom is een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding. Tevens houdt het de verplichting in tot betaling van een geldsom als de last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd.1Artikel 125, eerste en derde lid, Gemeentewet en artikel 5:32 Algemene wet bestuursrecht. Het opleggen van een last onder dwangsom is een middel om de overtreder te bewegen de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Verbeuren van de dwangsom kan worden voorkomen door de overtreding op te heffen en herhaling te voorkomen. Sommige maatregelen kunnen niet via een last onder bestuursdwang worden afgedwongen, maar alleen via een last onder dwangsom. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de mondkapjesplicht.
De rechter heeft in algemene zin bepaald dat de hoogte van de dwangsom in redelijke verhouding moet staan tot de zwaarte van de overtreding en de beoogde werking van de dwangsomoplegging. De lokale situatie en kenmerken zijn leidend voor het bepalen van de hoogte van de dwangsom. Er wordt naar de concrete omstandigheden gekeken. Dit betekent bij de handhaving van de Wet publieke gezondheid (Tijdelijke wet maatregelen covid-19) dat:
de hoogte van de dwangsom in verhouding moet staan tot de overtreding gelet op het daarmee ontstane risico op verspreiding van COVID-19 en de daarmee samenhangende belasting van het zorgstelsel;
de hoogte van de dwangsom in verhouding moet staan tot het doel: namelijk het zo snel mogelijk beëindiging van of voorkomen van nieuwe overtreding vanwege de noodzakelijke beperking van het risico op verspreiding van COVID-19 en de daarmee samenhangende belasting van het zorgstelsel; en
in een concrete casus de sanctiestrategie als richtlijn geldt maar per casus ook moet worden gekeken naar de concrete omstandigheden van het geval.
Er is gekozen voor de verbeuring van een dwangsom één keer ineens. Hier is voor gekozen omdat het niet wenselijk is een overtreding van de voorschriften uit de Wet publieke gezondheid (Tijdelijke wet maatregelen covid-19) lang te laten voort bestaan. Als de last onder dwangsom niet het gewenste effect heeft, worden andere bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen ingezet zoals een last onder bestuursdwang. Dit houdt in dat de onderneming tijdelijk wordt gesloten.
Hoogte last onder dwangsom
Kenmerken overtreder
Hoogte
Motivering
Kleine ondernemingen zoals eenmanszaak, eenmansbedrijf en bedrijfsruimte tot 100 m2 vvo
Tot € 2.000,--
Differentiatie op basis van aard en ernst van de geconstateerde overtreding en te behalen financieel voordeel bij niet naleven van de regels.
Eenmanszaak/kleine ondernemers met een kleine omzet, kleine winkels, sportscholen en horecazaken. Gelet op te behalen voordeel bij niet naleven regels is de hoogte van de dwangsom toereikend om overtreding te beëindigen en/of herhaling te voorkomen.
Middelgrote ondernemingen zoals bedrijven van 100 tot 300 m2 vvo
€2.000,- tot €5.000,-
Differentiatie op basis van aard en ernst van de geconstateerde overtreding en te behalen financieel voordeel bij niet naleven van de regels.
Middelgrote winkels, sportscholen en horecazaken en andere bedrijven met goede mogelijkheden voor dag/weekomzet. Al dan niet onderdeel van landelijke keten. De hoogte van het bedrag staat in verhouding tot de te generen omzet en is daarmee toereikend om overtreding te beëindigen en/of herhaling te voorkomen.
Grote ondernemingen zoals bedrijven met meer dan 300 m2 vvo
€10.000,- tot €20.000,-
Differentiatie op basis van aard en ernst van de geconstateerde overtreding en te behalen financieel voordeel bij niet naleven van de regels.
Grote winkels, sportscholen en horecazaken en andere bedrijven met hoge dag/weekomzet.
Bedrag vast te stellen op basis van factoren zoals, onderdeel van landelijke keten, hoeveelheid vvo. Bedrijven zoals bouwmarkten, meubel- en elektronicawinkels met grote omzet mogelijkheden en vaak onderdeel van landelijke keten. De hoogte van het bedrag staat in verhouding tot de te generen omzet en is daarmee toereikend om overtreding te beëindigen en/of herhaling te voorkomen.
Kenmerken overtreding
Hoogte
Motivering
Groepsvorming tot 20 personen in publieke/besloten plaatsen inclusief bijbehorende erven
Tot € 2.000,--
Voor de bestrijding van COVID-19 is het van groot belang dat men zich houdt aan de maximale groepsgrootte die op basis van het geldende risiconiveau is vastgelegd in de Twm/MR. Van de hoogte van het bedrag moet een prikkel uitgaan om groepsvorming geheel te voorkomen.
Differentiatie op basis van aard en ernst van de geconstateerde overtreding en te behalen financieel voordeel bij niet naleven van de regels.
Groepsvorming van 20 tot 50 personen in publieke/besloten plaatsen inclusief bijbehorende erven
€2.000,-- tot €5.000,-
Groepsvorming van 50 tot 200 personen in publieke/besloten plaatsen inclusief bijbehorende erven
€5.000,- tot €15.000,-
Groepsvorming met meer dan 200 personen in publieke/besloten plaatsen inclusief bijbehorende erven
€20.000,- tot €50.000,-
Verbeuren dwangsom
Bij iedere opvolgende geconstateerde overtreding verbeurt de overtreder van rechtswege de dwangsom. De toezichthouder/boa informeert de burgemeester hierover.
Last onder bestuursdwang
Een last onder bestuursdwang is een herstelsanctie in de zin van artikel 5:2, eerste lid, aanhef en onder b., van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb). Een herstelsanctie is een bestuurlijke sanctie die strekt tot het geheel of gedeeltelijk ongedaan maken of beëindigen van een overtreding, tot het voorkomen van herhaling van de overtreding, dan wel tot het wegnemen of beperken van de gevolgen van een overtreding. Anders dan een last onder dwangsom leidt een last onder bestuursdwang direct tot beëindiging van de feitelijke overtreding.
Als de last onder dwangsom niet het gewenste effect heeft, worden andere bestuursrechtelijke handhavingsmiddelen ingezet zoals een last onder bestuursdwang. Dit houdt in dat de onderneming tijdelijk wordt gesloten om de feitelijke overtreding te beëindigen. De burgemeester biedt de ondernemer een begunstigingstermijn om aan de last te kunnen voldoen (sluiten van het pand).
Feitelijke sluiting/ten uitvoerlegging last onder bestuursdwang
Als de begunstigingstermijn is verstreken en de gelaste sluiting niet of niet tijdig is uitgevoerd, dan geeft de burgemeester opdracht tot het sluiten van de onderneming. In dat geval wordt het pand door de burgemeester gesloten. Daarnaast worden de deuren en ramen en andere doorgangen die toegang (kunnen) verschaffen tot het pand verzegeld. Het verbreken van een verzegeling is strafbaar op grond van artikel 199 van het Wetboek van Strafrecht.
Spoedsluiting
Als zich een spoedeisende situatie voordoet die direct ingrijpen rechtvaardigt, kan op grond van artikel 5:31 van de Awb een bevel tot sluiting worden gegeven door de burgemeester. Dit bevel geldt voor een periode van ten hoogste twee weken. Artikel 4:11 van de Awb biedt de mogelijkheid om in spoedeisende gevallen de zienswijzemogelijkheid achterwege te laten. Het bevel van de burgemeester kan mondeling worden bekendgemaakt en wordt daarna zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd. De spoedsluiting duurt voort (maximum twee weken) totdat de burgemeester een definitief besluit ten aanzien van het pand neemt. Van een spoedeisende situatie is in ieder geval sprake bij acuut gevaar voor de volksgezondheid.
Bekendmaking sanctie aan overtreder
De waarschuwing of beschikking, zijnde een last onder dwangsom of bestuursdwang, wordt schriftelijk via een aangetekende brief aan de overtreder kenbaar gemaakt. De burgemeester stelt deze brief op en verzend deze aangetekend aan de overtreder.
Horen/zienswijze
Het uitgangspunt is horen, tenzij het bestrijden van de epidemie van covid-19 voor de langere termijn blijk geeft van vereiste spoed. In artikel 4:11 van de Awb zijn de algemene uitzonderingen op de hoorplicht opgenomen. Zo kan daarvan worden afgezien indien de vereiste spoed zicht daartegen verzet (art. 4:11 lid 1 onder a van de Algemene wet bestuursrecht). Van een zodanige spoedeisendheid is onder meer sprake als de ernst van de situatie direct ingrijpen rechtvaardigt.
Begunstigingstermijn
Het uitgangspunt is dat de burgemeester een begunstigingstermijn biedt, tenzij het bestrijden van de epidemie van covid-19 zich daartegen verzet. Dit kan variëren van direct tot maximaal één of meerdere dagen. Per overtreding maakt de burgemeester een specifieke afweging.
Inherente afwijkingsbevoegdheid
Het uitgangspunt is dat de burgemeester overeenkomstig deze beleidsregel handelt. Hierop geldt één uitzondering. Wanneer de toepassing van deze beleidsregel voor één of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben, die vanwege bijzondere omstandigheden, onevenredig zijn in verhouding tot de met deze beleidsregels te dienen doelen. In dat geval is de burgemeester, hoewel gesproken wordt van een bevoegdheid, verplicht om van haar beleidsregel af te wijken2Artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht..
Verjaring
Het zou niet redelijk zijn om overtredingen die in het verleden zijn begaan oneindig lang te laten meewegen bij het bepalen van de vervolgstap uit de handhavingsmatrix. Daarom geldt er een verjaringstermijn voor in het verleden gesanctioneerde overtredingen. De burgemeester hanteert een verjaringstermijn van drie maanden. Wanneer de burgemeester binnen drie maanden een nieuwe overtreding constateert, volgt de burgemeester de volgende stap uit de handhavingsmatrix.
Artikel 3.
Handhavingsbevoegdheden
Onderdeel van Beleidsregels met betrekking tot: de toepassing van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19