Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Stedelijkheid en Autobezit

Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Nieuwkoop houdende regels omtrent de parkeernormen

Parkeernormen kunnen worden vastgesteld aan de hand van de verstedelijking van gebieden. In zeer stedelijke gebieden kunnen de normen over het algemeen lager liggen, omdat daar meer voorzieningen voor alternatieve vervoermiddelen, zoals openbaar vervoer aanwezig zijn. De mate van stedelijkheid wordt bepaald door het aantal adressen per vierkante kilometer. Deze gegevens zijn afkomstig uit de demografische kencijfers per gemeente (CBS). De gemeente Nieuwkoop kent weinig verscheidenheid in de mate van verstedelijking. Het overgrote deel van de gemeente is aan te merken ‘niet stedelijk gebied’. Het gemiddelde ligt op 503 adressen per km2. Onder de 500 adressen per km2 wordt beschouwd als niet stedelijk gebied. Het autobezit in de gemeente Nieuwkoop ligt hoger dan het landelijke gemiddelde. In 4 jaar tijd is het autobezit onder de inwoners en per huishouden toegenomen. De parkeerkencijfers uit CROW-publicatie 381 kennen een brandbreedte (min-max). Voor de gemeente Nieuwkoop is het wenselijk om aan de bovenkant te gaan zitten van de bandbreedte. Bij vaststelling van de parkeernormen gaan we uit van een norm die ligt tussen het gemiddelde en de maximum van een bepaalde functie. Voorbeeld: Een twee-onder-een kapwoning heeft een norm van 1,8 -2,6 pp in CROW-publicatie 381. Voor een twee-onder-een kapwoning in Nieuwkoop betekent dat een norm van 2,4 pp (gemiddelde ligt op 2,2 pp en max op 2,6 pp)

Rechtspraak bij dit artikel